Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 16 augustus 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:3685
werknemer/SAP Nederland B.V.
Van 20 april 2012 tot 1 mei 2014 heeft werknemer als senior sales executive gewerkt in dienst van SAP. Hij diende klanten te werven en overeenkomsten af te sluiten. Zijn salaris bestond uit een vast deel van 60% en een variabel deel van 40%. Het vaste deel bedroeg € 80.000,06 inclusief 8% vakantiebijslag en dertiende maand. Het variabele deel bedroeg € 49.966 bij het behalen van 100% van de voor hem vastgestelde doelen. In 2012 heeft werknemer 15,3% van zijn jaardoel gehaald, in 2013 18%. Vanwege deze tegenvallende resultaten heeft SAP ingezet op een einde van het dienstverband. De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst per mei 2014 ontbonden onder toekenning van een vergoeding van € 20.000. In deze procedure vordert werknemer schadevergoeding wegens het mislopen van bonussen (variabel deel van zijn loon). De kantonrechter heeft deze vorderingen afgewezen.
Het hof oordeelt als volgt. Bij de beoordeling van de vorderingen dient voorop te worden gesteld dat het feit dat de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter is ontbonden als een gegeven dient te worden beschouwd. Diverse stellingen van werknemer houden naar de kern genomen in dat SAP onrechtmatig heeft gehandeld (en, naar het hof begrijpt: toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst) door het hem onmogelijk te maken bonussen te verdienen. Echter: de schade die werknemer stelt daardoor te hebben geleden behelst gezien zijn stellingen niet anders dan de negatieve gevolgen die hij ondervindt als gevolg van de ontbinding van de arbeidsovereenkomst per 1 mei 2014. Voor die negatieve gevolgen heeft de kantonrechter in zijn beschikking van 7 april 2014 een voorziening getroffen die geacht moet worden die negatieve gevolgen, en dus ook de schade als gevolg van een eventueel onrechtmatig handelen/een eventuele toerekenbare tekortkoming in de nakoming in voldoende mate op te vangen. De overweging van de kantonrechter doet in elk geval opgeld voor die gevallen waarin als gevolg van het einde van de dienstbetrekking aan werknemer elke mogelijkheid is ontnomen de lopende onderhandelingen tot een goed einde te brengen (en daarmee de bonussen te verdienen). Dit levert een zelfstandige grond op waarom alle vorderingen ter zake van misgelopen bonussen dienen te worden afgewezen.