Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Smurfit Kappa Zedek B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Leeuwarden), 8 november 2016
ECLI:NL:GHARL:2016:8930

werknemer/Smurfit Kappa Zedek B.V.

Arbeidsrechtelijke omkeringsregel ex artikel 7:658 BW: is de artrose bij heftruckchauffeur/papiersnijder veroorzaakt door werkzaamheden bij werkgever? Schending zorgplicht staat vast.

Werknemer (geboren 1960) is van 1 februari 1990 tot 4 mei 2006 in dienst geweest van (de rechtsvoorganger van) Smurfit in de functie van heftruckchauffeur/papiersnijder. Vanaf 26 november 2000 is werknemer door Smurfit voor wisselende percentages, variërend van 25 tot 100% ziek gemeld vanwege klachten aan zijn handen en rechterschouder, doch hij heeft in die periode niettemin volledig, zij het op therapeutische basis, doorgewerkt. In 2004 heeft werknemer Smurfit aansprakelijk gesteld voor de artroseklachten aan zijn handen. De arbeidsovereenkomst is in 2006 geëindigd. Het percentage van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op 80 tot 100%. De kantonrechter heeft de vordering van werknemer op grond van artikel 7:658 BW afgewezen, wegens het ontbreken van een causaal verband tussen de schade (artrose) en de werkzaamheden nadat twee deskundigenrapportages zich hierover hebben uitgelaten.

Het hof oordeelt als volgt. Op werknemer rusten stelplicht en bewijslast ten aanzien van het onderdeel ‘schade in de uitoefening van de werkzaamheden’. Daarbij geldt wel, zoals de Hoge Raad in zijn arrest van 7 juni 2013 (ECLI:NL:HR:2013:BZ1721) onder verwijzing naar eerdere rechtspraak heeft overwogen, dat wanneer een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan voor de gezondheid gevaarlijke omstandigheden en schade aan zijn gezondheid heeft opgelopen, het door de werknemer te bewijzen oorzakelijk verband tussen de werkzaamheden en die schade in beginsel moet worden aangenomen indien de werkgever heeft nagelaten de maatregelen te treffen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden dergelijke schade lijdt. Voor de toepassing van deze regel, de arbeidsrechtelijke omkeringsregel, is nodig (a) dat de werknemer niet alleen stelt en zo nodig bewijst dat hij zijn werkzaamheden heeft moeten verrichten onder omstandigheden die schadelijk kunnen zijn voor zijn gezondheid, maar ook (b) dat hij stelt en zo nodig aannemelijk maakt dat hij lijdt aan gezondheidsklachten die daardoor kunnen zijn veroorzaakt. Deze regel drukt het vermoeden uit dat de gezondheidsschade van de werknemer is veroorzaakt door de omstandigheden waarin deze zijn werkzaamheden heeft verricht. Dat vermoeden wordt gerechtvaardigd door hetgeen in het algemeen bekend is omtrent de ziekte en haar oorzaken, alsook door de schending door de werkgever van de veiligheidsnorm die beoogt een en ander te voorkomen. Gelet daarop is voor dit vermoeden geen plaats in het geval het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden te onzeker of te onbepaald is, aldus de Hoge Raad. Bovendien geldt, onder meer op grond van het arrest van de Hoge Raad van 17 november 2000 (ECLI:NL:HR:2000:AA8369), dat van Smurfit, als werkgever die op grond van artikel 7:658 lid 2 BW door een werknemer wordt aangesproken, in het kader van de motivering van de betwisting van de stellingen van werknemer mag worden gevergd dat zij in het algemeen de omstandigheden aangeeft die meer in haar sfeer dan in die van werknemer liggen.

Wat de arbeidsomstandigheden betreft oordeelt het hof als volgt. Uit de gegevens volgt naar het oordeel van het hof dat werknemer zeer geregeld meer dan 25 kg diende te tillen. Dat sluit ook aan bij de RIE 2001, die als een van de knelpunten beschrijft dat op meerdere plaatsen in het bedrijf geregeld meer dan 25 kg dient te worden getild. Het snijafval dat bij het snijden ontstond werd in afvalcontainers of in hoge dozen geworpen. In de RIE 2001 is beschreven dat het verwijderen van het afval in te hoge dozen schouder- en armklachten geeft. Ook was de werkdruk te hoog. Naar het oordeel van het hof heeft Smurfit niet voldaan aan artikel 5.2 Arbobesluit (veilige werkplek). In zoverre is sprake van een schending van de zorgplicht.

De vraag is evenwel of de schade voortvloeit uit de werkzaamheden. De kantonrechter heeft G als deskundige laten berichten. Op grond van de bevindingen van G kan naar het oordeel van het hof niet geconcludeerd worden of de bij werknemer geconstateerde tekortkomingen al dan niet een gevolg zijn van de arbeidsomstandigheden waaronder hij bij Smurfit werkzaam is geweest, laat staan hoe groot de mate van waarschijnlijkheid is dat causaal verband bestaat tussen de klachten en de werkomstandigheden. Door G is slechts in zijn algemeenheid aangegeven dat handklachten kunnen ontstaan en/of verergeren door overbelasting in werk- of privésfeer, terwijl persoonlijke en erfelijke factoren tevens ‘een rol’ spelen. Uit hetgeen hiervoor is overwogen, volgt dat nader onderzoek noodzakelijk is naar het verband tussen de klachten van werknemer en de blootstelling. Volgt aanhouding van de zaak voor nadere bewijsvoering.