Naar boven ↑

Rechtspraak

werkgeefster/werknemer
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 15 december 2016
ECLI:NL:RBNHO:2016:10873

werkgeefster/werknemer

Ontbinding arbeidsovereenkomst chef werkplaats wegens het zonder betaling gebruik maken van bedrijfsmiddelen voor privédoeleinden en het niet (volledig) factureren van werkzaamheden of onderdelen. E-grond. Werknemer heeft wel recht op transitievergoeding.

Werknemer is op 1 januari 1997 in dienst getreden bij werkgeefster. Werkgeefster is een autodealer. De laatste functie die werknemer vervulde, is die van chef werkplaats. Werkgeefster verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Aan dit verzoek legt werkgeefster primair ten grondslag dat sprake is van (ernstig) verwijtbaar handelen van werknemer. Ter onderbouwing daarvan heeft zij naar voren gebracht dat werknemer gebruik heeft gemaakt van bedrijfsmiddelen voor privédoeleinden (zonder daarvoor te betalen) en werkzaamheden en onderdelen niet of niet volledig heeft gefactureerd. Het verweer van werknemer strekt tot afwijzing van het verzoek.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Vast staat dat werknemer een auto van een klant heeft gekocht en dat op zijn verzoek door werknemers van werkgeefster werkzaamheden aan deze auto zijn verricht terwijl deze nog op naam van de klant in het systeem stond. Daarbij is onder meer voor het tectyleren gebruik gemaakt van materialen van werkgeefster. Ter zitting heeft werknemer erkend dat hij voor deze werkzaamheden (nog) geen factuur had opgemaakt. Werknemer heeft ter zitting erkend dat hij regelmatig werkzaamheden niet aan klanten heeft gefactureerd. Daarbij ging het om kleine werkzaamheden die hij als service beschouwde, aldus werknemer. Werknemer heeft niet betwist dat dat hij werkgeefster hierover nooit heeft ingelicht laat staan daarvoor toestemming heeft gevraagd. Door aldus te handelen heeft werknemer verwijtbaar gehandeld, zoals bedoeld in artikel 7:669 lid 3 onderdeel e BW. Niet alleen had het op de weg van werknemer gelegen om vooraf overleg te plegen met werkgeefster voordat hij tot privéovername van de Suzuki van een klant van werkgeefster besloot, maar hij heeft werkgeefster bewust benadeeld door zijn ondergeschikten op te dragen werkzaamheden aan de Suzuki te verrichten terwijl deze inmiddels zijn eigendom was maar nog op naam van de klant stond in het systeem, en daarvoor alsook voor de gebruikte materialen geen factuur uit te schrijven en ook niet anderszins te betalen. Dat valt hem te verwijten. Evenmin stond het werknemer vrij om zonder overleg met zijn leidinggevende voor bepaalde werkzaamheden aan auto’s van klanten van werkgeefster geen arbeidsloon in rekening te brengen. Het voorgaande klemt temeer gelet op de waarschuwing in 2014 dat hij werk en privé beter gescheiden diende te houden. Aannemelijk is dat werkgeefster nadeel heeft ondervonden van de handelwijze van werknemer. Anderzijds is niet komen vast te staan dat werknemer door zijn handelwijze persoonlijk voordeel heeft genoten. De kantonrechter kwalificeert het handelen van werknemer dan ook niet als ernstig verwijtbaar. Wel aannemelijk is dat werknemer hierdoor niet langer zijn spilfunctie in het bedrijf kan vervullen, nu hij het vertrouwen heeft beschaamd van zijn leidinggevende en de andere werknemers. De kantonrechter is van oordeel dat herplaatsing van werknemer, gelet hierop, niet in de rede ligt. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden en werkgeefster wordt veroordeeld tot betaling van de transitievergoeding.