Naar boven ↑

Rechtspraak

Besto Verpakkingsindustrie BV/werknemer
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Leeuwarden), 24 januari 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:520

Besto Verpakkingsindustrie BV/werknemer

Werkgeversaansprakelijkheid. De werkgever heeft een gevaarlijke arbeidssituatie gecreëerd. Van werkgever mochten maatregelen worden verwacht om de verwezenlijking van het gevaar te voorkomen.

Feiten

Werknemer is sinds 1971 in dienst bij Besto Verpakkingsindustrie BV (hierna: Besto). Na een uitval wegens schouderklachten zijn in 2007 de werkzaamheden van werknemer aangepast. Tot die aangepaste werkzaamheden behoorde het dagelijks opnemen van de watermeter voor de fabriek, die zich in een betonnen put van 62 centimeter diep bevond. Op 18 maart 2009 heeft werknemer zich bij het uit de put stappen verstapt waarna hij ten val is gekomen. Besto heeft per 1 september 2011 de arbeidsovereenkomst met werknemer opgezegd, op grond van langdurige arbeidsongeschiktheid. Werknemer vordert een verklaring voor recht dat Besto als werkgeefster van werknemer haar zorgplicht heeft geschonden en aansprakelijk is voor de schade die werknemer heeft geleden als gevolg van het ongeval. De kantonrechter heeft de vorderingen van werknemer toegewezen. Tegen dit vonnis komt Besto in hoger beroep.

Oordeel

Niet voldaan aan zorgplicht

Besto heeft erkend dat zij werknemer geen (nadere) instructies heeft gegeven over de wijze waarop hij de put diende in en uit te stappen en Besto heeft voorts geen nadere voorzieningen getroffen om de afstap en opstap van 62 centimeter te verkleinen of anderszins te vergemakkelijken. Het standpunt van Besto houdt in dat zij ook niet gehouden was tot het treffen van nadere voorzieningen of het geven van instructies, nu van een (potentieel) gevaarlijke situatie geen sprake was. Het hof onderschrijft dit standpunt niet. Werknemer diende bij de uitvoering van zijn werkzaamheden voor Besto dagelijks in en uit een 62 centimeter diepe put te stappen waarin geen afstap of trede was aangebracht. Bij het uitstappen diende werknemer daarbij zijn hele gewicht op het been te laten rusten waarmee hij uit de put stapte, terwijl rondom het luik een betonnen rand aanwezig was. Werknemer heeft gesteld dat de rand deels was afgebrokkeld als gevolg van het periodiek laten vallen van de deksel op het luik en dat er geregeld losse steentjes op de rand lagen. Op het moment dat werknemer uit de put stapte kon hij vanwege de diepte van de put niet zien of er steentjes lagen op de plek waar hij zijn voet wilde plaatsen en daarmee of de ondergrond waarop hij het op dat moment dragende been had neergezet wel voldoende stabiel was. Beste heeft hiermee voor werknemer, die ten tijde van het ongeval 52 jaar oud was, een gevaarlijke arbeidssituatie gecreëerd. Van Besto mochten derhalve maatregelen worden verwacht om de verwezenlijking van het gevaar te voorkomen.

Geen sprake van ‘huis-, tuin- en keukenongeval’

Anders dan Besto heeft aangevoerd, is geen sprake van een zogenoemd huis-, tuin- en keukenongeval. Het dagelijks in- en afdalen in een 62 centimeter diepe put zonder afstapje of trappetje betreft een situatie die in normale ‘huis-, tuin- en keukensituaties’ niet pleegt voor te komen. Van een ongelukkige samenloop van omstandigheden is evenmin sprake. Dat sprake was van een potentieel gevaarlijke situatie vindt overigens bevestiging in de eigen stellingen van Beste waar zij betoogt dat werknemer er ook voor had kunnen kiezen om op de rand te gaan zitten en zijn benen uit de put te zwaaien en dan overeind te komen of aan de kant van het openstaande luik uit te stappen en dan met de hand tegen de muur te steunen, een en ander om de opstap van 62 centimeter te kunnen maken. Deze stelling kan niet anders worden verstaan dan dat Besto meent dat werknemer daarmee het bij zo’n opstap bestaande risico van verstappen of het op andere wijze verliezen van zijn evenwicht had kunnen voorkomen.

Conclusie

Gelet op het vorenstaande heeft Besto niet aangetoond dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan en evenmin dat de schade niet het gevolg is van het tekortschieten in haar zorgplicht en ook zou zijn ontstaan als zij haar zorgplicht volledig zou zijn nagekomen. Volgt bekrachtiging van het bestreden vonnis.