Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Mardia Personeel B.V.
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 22 februari 2017
ECLI:NL:RBNHO:2017:1515

werknemer/Mardia Personeel B.V.

Vernietiging ontslag op staande voet. Dringende reden, zijnde het onder invloed op werk verschijnen, het niet afmaken van een opleiding en het niet nakomen van andere afspraken, komt niet in rechte vaste te staan.

Feiten

Op 15 maart 2016 is werknemer bij Mardia in dienst getreden voor bepaalde tijd, tot 15 maart 2017, voor 36 uur per week in de functie van begeleider werk en dagbesteding en technische zaken. Bij brief van 31 oktober 2016 is werknemer door Mardia op staande voet ontslagen, kort gezegd wegens onder invloed van alcohol op het werk verschijnen, niet nakomen van afspraken en het niet afmaken van een opleiding. Bij e-mail van zijn gemachtigde van 14 november 2016 heeft werknemer de nietigheid van het ontslag ingeroepen, zich beschikbaar gesteld om zijn werkzaamheden te verrichten en aanspraak gemaakt op doorbetaling van loon en bijbehorende emolumenten. Per 9 januari 2017 is werknemer in dienst getreden bij een andere werkgever. Werknemer verzoekt de kantonrechter (primair) het ontslag op staande voet te vernietigen en Mardia te veroordelen (ook bij wijze van voorlopige voorziening) tot doorbetaling van loon vanaf 31 oktober 2016.

Oordeel

Het gaat in deze zaak (primair) om de vraag of het ontslag op staande voet moet worden vernietigd en of Mardia moet worden veroordeeld tot doorbetaling van loon. Naar het oordeel van de kantonrechter is het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig. De eerste reden betreft het meermaals onder invloed van alcohol op het werk verschijnen. In de ontslagbrief geeft Mardia hiervan geen nadere specificatie. De hoeveelheid alcohol die werknemer stelt incidenteel tot zich te hebben genomen voorafgaand aan zijn nachtdienst, te weten één biertje bij de barbecue en één glas wijn tijdens een etentje, zijn door Mardia onvoldoende weersproken. Die hoeveelheden zijn in de regel niet van invloed op de arbeidsprestaties, behoudens bijzondere omstandigheden. Dergelijke bijzondere omstandigheden zijn echter niet gesteld of gebleken. Het nuttigen van alcohol woog voor Mardia blijkbaar niet zo zwaar, nu tijdens de barbecue kennelijk geen alcoholverbod gold, en in de arbeidsovereenkomst of eventuele arbeidsvoorschriften niet wordt gerept over een algeheel verbod op het gebruik van alcohol voorafgaand aan het werk in verband met de reukbaarheid daarvan. Het is aan Mardia als werkgever om voor het gebruik van alcohol heldere protocollen vast te stellen. Nog los van de vraag of het ontslag onverwijld is gegeven, nu Mardia na het voorval dat plaatsvond eind augustus 2016 pas op 31 oktober 2016 tot ontslag van werknemer is overgegaan, kan het alcoholgebruik van werknemer zoals dat is komen vast te staan onder de gegeven omstandigheden niet worden aangemerkt als een dringende reden die het gegeven ontslag kan rechtvaardigen. Verder wordt werknemer ‘het niet voltooien van zijn opleiding’ verweten. Werknemer volgde sinds 2015 een tweejarige opleiding, en vaststaat dat de voortgang daarvan stagneerde. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, is het niet voltooien van de opleiding echter geen dringende reden voor een ontslag op staande voet. De overige verweten gedragingen, zijnde te laat komen, afspraken niet nakomen en een verstoorde werkrelatie met cliënten en collega’s, zijn in de ontslagbrief niet nader geconcretiseerd of gespecificeerd en – gelet op de betwisting daarvan door werknemer – door Mardia niet voldoende feitelijk onderbouwd, zodat deze in rechte niet zijn komen vast te staan. Nu hiervoor is geoordeeld dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is, zal het verzoek van werknemer om vernietiging van dat ontslag worden toegewezen. Omdat het ontslag op staande voet wordt vernietigd, duurt de arbeidsovereenkomst voort en heeft werknemer recht op loon. De vordering van werknemer tot doorbetaling van loon vanaf 31 oktober 2016 zal daarom eveneens worden toegewezen.