Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 28 februari 2017
ECLI:NL:RBROT:2017:3012
werkneemster/Dolmans Schoonmaakdiensten B.V.
Feiten
Werkneemster is sinds 1 april 2015 in dienst van Dolmans Schoonmaakdiensten B.V. (hierna: Dolmans), laatstelijk in de functie van medewerker algemeen schoononderhoud I. Tijdens haar werkzaamheden op 18 september 2016 heeft werkneemster uit de voorraadkast van de locatie van een opdrachtgever waar zij werkzaam was een pakje koekjes, een pakje drinken en een rol vuilniszakken gepakt. Zij heeft deze spullen in een vuilniszak gestopt en op haar werkkarretje neergelegd. Een en ander is op camerabeelden vastgelegd. Op 23 september 2016 is werkneemster vervolgens op staande voet ontslagen. Werkneemster verzoekt vernietiging van het ontslag op staande voet, dan wel toekenning van een billijke vergoeding, de transitievergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging.
Oordeel
Naar het oordeel van de kantonrechter is het ontslag op staande voet rechtsgeldig gegeven. Aan het gegeven ontslag op staande voet is kort gezegd ten grondslag gelegd dat werkneemster diefstal heeft gepleegd doordat zij op 18 september 2016 twee keer spullen uit de voorraadkast van de opdrachtgever heeft weggenomen. Dit is ook met haar besproken in een gesprek op 23 september 2016. Werkneemster erkent dat zij tweemaal een grijze vuilniszak van haar werkkarretje heeft gepakt en die gevuld heeft met spullen uit de voorraadkast. Zij had grote vuilniszakken nodig voor haar werk. Die zocht zij in de kast en heeft zij in de kleine grijze vuilniszak gestopt, waarmee zij uit de voorraadkast naar buiten loopt, aldus werkneemster. Werkneemster geeft ter zitting aan dat zij een pakje koekjes en een pak drinken heeft meegenomen omdat zij langer moest doorwerken en haar medicatie moest innemen. Op de vragen van de kantonrechter waarom werkneemster heeft gehandeld zoals zij heeft gedaan, heeft werkneemster, ook na herhaaldelijk doorvragen, geen eenduidig antwoord kunnen geven. Zij wisselt wat betreft de details van haar antwoord op die vragen voortdurend. Een plausibele verklaring voor haar handelwijze heeft zij tot op heden dan ook niet kunnen geven. Niet duidelijk is geworden waarom werkneemster haar werkspullen (vuilniszakken) bijvult uit de voorraadkast, terwijl er een aparte voorraadkast is met daarin de werkmaterialen van Dolmans. Voor wat betreft het pakje koekjes en het pakje drinken heeft Dolmans het standpunt van werkneemster gemotiveerd weersproken, waarbij zij meer in het bijzonder heeft betoogd dat werkneemster nooit eerder iets heeft verklaard of gezegd over medicatie die zij moest innemen op de werkplek. Zo daarvan sprake is geweest, lag het op haar weg dat te melden. De door werkneemster gestelde medische noodzaak heeft zij, hoewel zij daartoe ruim de gelegenheid heeft gehad, op geen enkele wijze nader onderbouwd. Met het voorgaande is vast komen te staan dat werkneemster eigendommen van de opdrachtgever heeft meegenomen. Dat kwalificeert als diefstal. Hetgeen werkneemster verder nog heeft aangevoerd, te weten dat zij al sinds 1991 in de schoonmaakbranche werkt, dat zij altijd met veel plezier heeft gewerkt en een onberispelijke staat van dienst heeft, leiden (aangenomen dat daarvan sprake is) niet tot een ander oordeel en doen evenmin af aan de ernst van de gedraging. Het ontslag is dan ook op goede gronden gegeven. Het verzoek van werkneemster tot vernietiging van de opzegging dan wel tot toekenning van de verzochte vergoedingen wordt afgewezen.