Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Patisserie Lemmens B.V.
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 12 juni 2017
ECLI:NL:RBLIM:2017:5458

werknemer/Patisserie Lemmens B.V.

Ontslag op staande voet banketbakker, wegens meenemen producten uit de bakkerij zonder af te rekenen, terecht gegeven. Handelen werknemer ernstig verwijtbaar. De verzochte vernietiging van het concurrentiebeding eveneens afgewezen.

Feiten

Werknemer is sinds 1 januari 2005 in dienst van Lemmens in de functie van banketbakker. In zijn arbeidsovereenkomst is een concurrentiebeding opgenomen. Op 15 februari 2017 is werknemer op staande voet ontslagen, omdat door Lemmens is geconstateerd dat werknemer meermaals producten uit de winkel heeft gehaald die door hem zijn meegenomen zonder dat dit door hem verantwoord is. Hierdoor is volgens Lemmens een ernstige onherstelbare vertrouwensbreuk ontstaan. Werknemer verzoekt onder meer (primair) vernietiging van het ontslag op staande voet en (subsidiair) vernietiging van het concurrentiebeding. Lemmens verzoekt bij wijze van tegenverzoek onder meer voorwaardelijke ontbinding op basis van de e-grond dan wel g-grond. 

Oordeel

Ontslag op staande voet

De kantonrechter is van oordeel dat het ontslag op staande voet gegeven op 15 februari 2017 onverwijld is gegeven. De kantonrechter neemt daarbij in aanmerking dat Lemmens op vrijdag 10 februari 2017 van een collega de melding heeft ontvangen dat werknemer die nacht een aantal producten uit de winkel heeft meegenomen zonder deze af te rekenen of te verantwoorden. Het bekijken van de camerabeelden kost tijd en geschiedde tussen de bedrijven door. De regels over het meenemen en afrekenen van producten uit de bakkerij is gecommuniceerd tijdens een werkoverleg van 27 februari 2014. Werknemer was bij dit werkoverleg niet aanwezig. Lemmens heeft de notulen van het werkoverleg per e-mail aan de werknemers doen toekomen. Werknemer heeft betwist deze notulen te hebben ontvangen. De kantonrechter passeert deze betwisting, onder meer nu werknemer ter zitting heeft erkend dat het daarin genoemde e-mailadres, waarnaar de notulen zijn verzonden, van hem is. Werknemer heeft ter zitting erkend dat hij op 20 januari 2017 en 8 februari 2017 bakkerijproducten heeft meegenomen zonder deze af te rekenen dan wel te verantwoorden. Volgens werknemer is het niet (volledig) verantwoorden van de meegenomen bakkerijproducten een gevolg van de druk die hij ervoer door de ziekte van zijn echtgenote, zijn schuldenproblematiek, zijn gezondheidsproblemen en de beëindigingsdruk zijdens Lemmens. Dit kan werknemer echter niet baten aangezien deze omstandigheden niet maken dat werknemer niet meer beseft en weet wat hij doet. De handelwijze van werknemer wordt aangemerkt als een zodanig ernstige schending van de op hem rustende verplichting zich jegens Lemmens als goed werknemer te gedragen en daarmee als een dermate ernstige inbreuk op het vertrouwen dat Lemmens in hem moest kunnen stellen, dat van haar redelijkerwijs niet kon worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Het ontslag op staande voet is dan ook rechtsgeldig. Het handelen of nalaten van werknemer wordt door de kantonrechter als ernstig verwijtbaar aangemerkt, zodat er geen grond is voor toewijzing van de transitievergoeding. Evenmin voor een billijke vergoeding.

Concurrentiebeding

Werknemer is gelet op de lange duur van zijn dienstverband op de hoogte van de recepten en heeft kennis van de bakkerijproducten. Tegen deze achtergrond bestaat er bij Lemmens een terechte vrees voor (ernstige) benadeling vanwege door werknemer bij haar opgedane specialistische kennis waarmee het belang van Lemmens bij instandhouding van het concurrentiebeding gegeven is. Bovendien is het beding territoriaal beperkt tot een straal van 25 kilometer. Voorts is ook de duur van het beding beperkt tot één jaar, hetgeen niet onredelijk voorkomt. De verzochte vernietiging van het concurrentiebeding wordt dan ook afgewezen.