Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 28 juni 2022
ECLI:NL:RBAMS:2022:3627
Feiten
Werknemer is per 1 juni 2013 in dienst getreden bij Willis B.V. (hierna: Willis) in de rol van ceo. Willis is onderdeel van de Willis Towers Watson groep (hierna: WTW). Onderdeel van de arbeidsovereenkomst was een geheimhoudingsbeding, een relatiebeding en een antiwervingsbeding, inclusief boetebeding voor overtreding van die bedingen. Op 20 augustus 2021 heeft werknemer zijn arbeidsovereenkomst bij Willis opgezegd. Weknemer heeft zijn opzegging, samen met zijn formele opzeggingsbrief, per mail ook naar de gehele Nederlandse Willisorganisatie gestuurd. Per brief van 26 augustus heeft Willis de opzegging bevestigd en hem geïnformeerd dat zijn dienstverband na 30 november 2021 zal eindigen. Willis schrijft ook dat werknemer gebonden blijft aan de beperkende bedingen. Bij de brief is een lijst gevoegd met relaties die daaronder vallen (hierna: de klantenlijst). Werknemer is per 1 december 2021 in dienst getreden bij Howden als ceo. In maart 2022 is werknemer op Aruba en Curacao geweest, waar hij tussenpersonen van Howden heeft bezocht. Werknemer heeft ook geluncht met een contactpersoon van Aruba Airport Authority N.V. (hierna: AAA), een belangrijke klant van Willis. Per brief van 21 maart 2022 heeft Willis werknemer geïnformeerd dat hij het relatiebeding heeft geschonden en werknemer verzocht een boetebedrag van € 10.000 te betalen en hem gesommeerd onmiddellijk te stoppen met het benaderen van andere klanten van Willis. Daarnaast heeft Willis erop gewezen dat het werknemer niet is toegestaan personeel van WTW voor Howden te werven en dat in strijd daarmee minimaal vijf werknemers van zijn oude team naar Howden zijn overgestapt. Op 4 april 2022 heeft een werknemer van Willis die verantwoordelijk is voor klant AAA een e-mail gestuurd aan voornoemd contactpersoon. In een bij die e-mail gevoegde bijlage staat dat tijdens de ontmoeting op 8 maart 2022 werknemer Howden heeft gepromoot aan AAA. In haar reactie van 17 mei 2022 schrijft de contactpersoon dat die vermelding ongepast is om in die bijlage te zijn opgenomen. In geding is of werknemer het relatiebeding, antiwervingsbeding en geheimhoudingsbeding heeft geschonden.
Oordeel
Relatiebeding
Het relatiebeding is ruim geformuleerd en daarin staat onder meer het benaderen van klanten (approach) en het ondernemen van relatiebeheeractiviteiten (client relationship management activities). Het is naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter aannemelijk dat de lunch met de contactpersoon daaronder viel. Dat het ging om een privéontmoeting, dat hij al jaren bevriend is met de contactpersoon en dat het onbeleefd zou zijn om geen contact op te nemen, maakt het voorgaande niet anders. Zo komt het vaker voor dat als onderdeel van goed relatiebeheer ook in meer of mindere mate privécontacten worden onderhouden. Daarmee vervaagt in zekere zin de grens tussen zakelijk en privé en dat geldt al helemaal wanneer die klantrelatie gedurende een langere periode wordt opgebouwd. Maar juist van een (voormalige) ceo mag worden verwacht dat hij zich daar bewust van is en zich strikt houdt aan het overeengekomen relatiebeding.
Antiwervingsbeding en geheimhoudingsbeding
Het is aannemelijk dat werknemer de communicatie over zijn vertrek niet met Willis heeft afgestemd. Dat is gelet op zijn functieniveau opmerkelijk en de kantonrechter acht het goed voorstelbaar dat zijn handelwijze heeft geleid tot (verdere) onrust binnen Willis. Maar dat betekent nog niet dat werknemer daarmee in strijd heeft gehandeld met het antiwervingsbeding en het geheimhoudingsbeding. De informatie gedeeld door werknemer met andere werknemers van Willis was reeds publiekelijk bekend. Dat ook een aantal andere werknemers naar Howden is overgestapt, is niet voldoende voor schending van het antiwervingsbeding. Zo heeft werknemer erop gewezen dat hij niet bij hun overstap betrokken is geweest. Aldus heeft werknemer naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter niet het antiwervingsbeding en geheimhoudingsbeding geschonden.