Naar boven ↑

Rechtspraak

Centrale Ondernemingsraad van Stichting Pluryn/Stichting Pluryn
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 5 september 2024
ECLI:NL:GHAMS:2024:2748
Afwijzing verzoek COR dat stichting niet in redelijkheid tot besluit, onder andere strekkende tot wijziging medezeggenschapsstructuur, had kunnen komen. Besluit om meerdere ondernemingsraden en COR te vervangen door één OR past bij tegengaan eilandvorming binnen uit fusies voortgekomen stichting.

Feiten

Stichting Pluryn is een organisatie die zich landelijk inzet voor jongeren en jongvolwassenen met een medische, pedagogische, psychologische en/of psychiatrische hulpvraag. Binnen Pluryn werken circa 6.400 medewerkers en 650 vrijwilligers, verdeeld over meer dan 440 locaties en voor verschillende doelgroepen. Pluryn is voortgekomen uit fusies tussen verschillende zorgorganisaties. Sinds 6 juli 2021 fungeren binnen Pluryn een OR Volwassenen, een OR Jeugd en een OR Ondersteunende diensten. De COR fungeert overkoepelend. In oktober 2023 heeft Pluryn aan de COR laten weten het voornemen te hebben het aansturingsmodel te herijken. De herijking zal in drie fases worden gerealiseerd. Het gaat om herijking van de teams, de directie (die compacter moet) en de medezeggenschap. Pluryn wenst de huidige ondernemingsraden en de COR te vervangen door één ondernemingsraad. Op 4 december 2023 heeft Pluryn over het voorgenomen besluit een adviesaanvraag bij de COR ingediend, die zij nader heeft toegelicht in de overlegvergadering van 11 december 2023. Bij brief van 4 maart 2024 heeft de COR advies uitgebracht. Op 12 maart 2024 heeft Pluryn het besluit Herijking aansturingsmodel (hierna: het besluit) genomen en schriftelijk aan de COR kenbaar gemaakt. De COR heeft bij de Ondernemingskamer beroep ingesteld tegen het besluit en verzocht dat besluit kennelijk onredelijk te verklaren.

Oordeel

De Ondernemingskamer oordeelt als volgt.  

Wezenlijke invloed

De Ondernemingskamer constateert dat de COR concreet adviseerde eerst voorrang te geven aan de teamontwikkeling van onderaf, met de huidige directeuren, voordat tot vermindering van het huidige aantal directeuren zou worden overgegaan. De COR had in het advies de vrees uitgesproken dat wanneer de eerste stap de vermindering van het aantal directeuren zou zijn, de gewenste fysieke nabijheid die cruciaal is voor de gewenste teamontwikkeling niet wordt bereikt. Het besluit leidt als eerste stap tot vermindering van het aantal directeuren en wijkt daarmee af van het advies van de COR. De toelichting op dit deel van het besluit vermeldt dat in de huidige situatie teammanagers hoofdzakelijk door de directeur BV worden aangestuurd. In de nieuwe situatie wordt dit gelijk verdeeld over de directeur BV en de directeur Z&B. Door het duale integrale management zal de span of control van een individuele directeur naar teammanagers en hoofden behandeling onder de tien blijven, hetgeen zowel door directeuren als de COR haalbaar wordt geacht. Daarmee blijft de nabijheid van de directeur richting teammanagers gewaarborgd en zal deze waarschijnlijk verbeteren, aldus de toelichting van Pluryn. De Ondernemingskamer is van oordeel dat Pluryn met deze toelichting voldoende inhoudelijk en concreet op het advies heeft gerespondeerd. Naar het oordeel van de Ondernemingskamer volgt uit de toelichting op het besluit niet dat de COR geen wezenlijke invloed op het besluit heeft gehad.

Gevolgen voor in de onderneming werkzame personen

De COR meent verder dat Pluryn in strijd met artikel 25 lid 3 WOR onvoldoende inzicht heeft gegeven in de gevolgen van het besluit voor de in de onderneming werkzame personen en de naar aanleiding daarvan voorgenomen maatregelen. De Ondernemingskamer slaat in dit kader acht op het feit dat Pluryn een fusieorganisatie is, waarbinnen sprake is van onvoldoende uniformering en standaardisering. Voorts kunnen de precieze gevolgen van het voorgenomen besluit niet al worden gegeven; daarover zal eerst in de (reeds aangekondigde) derde fase een inventarisatie moeten plaatsvinden. De in deze fase over dit onderwerp verstrekte informatie is, gegeven de specifieke situatie bij Pluryn, niet onvoldoende voor het uitoefenen van een volwaardige medezeggenschap.

Medezeggenschap

De COR heeft ten slotte geadviseerd de huidige gelaagde medezeggenschapsstructuur te handhaven. Pluryn heeft het besluit de huidige ondernemingsraden en de COR te vervangen door één ondernemingsraad voor Pluryn toegelicht met de mededeling dat de wijzigingen in de zeggenschap erop zijn gericht om als één Pluryn te handelen, waarbij onderlinge samenhang en zicht op afhankelijkheden groter worden. De Ondernemingskamer acht de door Pluryn gegeven toelichting op de afwijking van het advies niet onvoldoende. Het besluit is in zijn algemeenheid erop gericht de eilandvorming binnen Pluryn tegen te gaan en tot meer eenheid te komen. Daarbij past op zichzelf al de wijziging van de medezeggenschap waartoe is besloten.

Conclusie

De slotsom luidt dat de door de COR aangevoerde feiten en omstandigheden, ieder afzonderlijk dan wel in onderlinge samenhang bezien, niet kunnen leiden tot het oordeel dat Pluryn niet in redelijkheid tot het bestreden besluit heeft kunnen komen. De verzoeken worden afgewezen.