Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Roermond), 8 november 2017
ECLI:NL:RBLIM:2017:10808
Stichting Koninklijke Visio/werkneemster
Feiten
Werkneemster is op 12 april 1994 bij (de rechtsvoorganger van) Visio in dienst getreden en vervult thans de functie van planner. Visio is een organisatie die opereert als expertisecentrum voor slechtzienden en blinden, al dan niet in combinatie met een verstandelijke beperking van de betreffende cliënt. Werkneemster is werkzaam in dezelfde ruimte als haar collega’s A en B. B is blind. Op 19 mei 2017 heeft werkneemster per vergissing een e-mail verstuurd aan B die voor A bedoeld was, waarin werkneemster B een kutmongool noemt. Uit onderzoek is gebleken dat werkneemster en A eerder e-mails hebben verstuurd naar elkaar over B. Visio verzoekt de arbeidsovereenkomst te ontbinden op basis van de e- en g-grond.
Oordeel
Op 19 mei 2017 heeft werkneemster twee e-mails gestuurd via het zakelijke netwerk van Visio waarin zij zich op een onbehoorlijke en oncollegiale manier heeft uitgelaten over haar collega B. B wordt in het Limburgs dialect blind varken genoemd en ‘KUTMONGOOL’. Gelet op de aard van de activiteiten van Visio (een organisatie die personen met een visuele beperking behandelt en begeleidt), de door Visio opgestelde regels omtrent het onderwerp pesten en e-mailgebruik en het feit dat B blind is, moet voor werkneemster duidelijk zijn geweest dat Visio deze uitlatingen aan het adres van B niet zou accepteren. Er is dan ook sprake van verwijtbaar handelen van werkneemster zodanig dat van Visio in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Werkneemster wijst er nadrukkelijk op dat haar uitlatingen geplaatst dienen te worden in een bepaalde context. Er is volgens werkneemster sprake van een zeer negatieve en laconieke werkhouding bij B die grote frustraties veroorzaakt bij werkneemster en haar collega’s. Ook als de kantonrechter voormelde uitlatingen van werkneemster over B zou plaatsen in de door werkneemster geschetste context, alsmede rekening zou houden met de door haar gestelde omstandigheden zoals haar 23-jarig dienstverband, haar goede functioneren en de nog immer bestaande goede band met haar (blinde) collega’s die haar onvoorwaardelijk steunen, maakt dit niet dat er geen sprake meer is van verwijtbaar handelen aan haar zijde. Werkneemster is verantwoordelijk voor haar eigen handelen. De conclusie is dat de kantonrechter de arbeidsovereenkomst zal ontbinden op grond van verwijtbaar handelen van werkneemster met toekenning van een transitievergoeding.