Naar boven ↑

Rechtspraak

Ondernemingsraad politie regionale eenheid Oost-Brabant/politie regionale eenheid Oost-Brabant
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 19 april 2018
ECLI:NL:GHAMS:2018:1337

Ondernemingsraad politie regionale eenheid Oost-Brabant/politie regionale eenheid Oost-Brabant

Ondernemingsraad is niet-ontvankelijk. Besluit van politie om ZSM-locatie tijdelijk te verhuizen valt onder primaat van de politiek, omdat het gericht is op het beleid ten aanzien van en de uitvoering van de politietaak.

Feiten

De ondernemingsraad heeft verzocht bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad voor recht te verklaren dat de politie Oost-Brabant (PO-B) bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid heeft kunnen komen tot het besluit tot tijdelijke verhuizing van de afdeling ZSM van de Mathildelaan 4 te Eindhoven naar de Statenlaan 41-43 te Den Bosch. PO-B heeft bij op 15 februari 2018 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verweerschrift geconcludeerd primair tot niet-ontvankelijkverklaring van de ondernemingsraad in zijn verzoek en subsidiair tot afwijzing van het verzoek. PO-B is een van de tien regionale eenheden van de Politie. De afdeling ZSM van PO-B is gehuisvest aan de Mathildelaan 4 te Eindhoven. PO-B is voornemens de ZSM-locatie tijdelijk te verhuizen van Eindhoven naar Den Bosch. Op 1 november 2017 heeft de ondernemingsraad een negatief advies uitgebracht. Hij heeft in het advies onder meer naar voren gebracht dat (1) het meeste werk van de afdeling ZSM in Eindhoven plaatsvindt door de aanwezigheid van een cellencomplex, (2) de afdeling ZSM, na enkele aanpassingen, in zijn geheel geplaatst kan worden op de huidige locatie, (3) het grootste deel van de huidige medewerkers van de afdeling ZSM niet wil verhuizen, (4) een tijdelijke verhuizing naar Den Bosch veel duurder is dan huisvesting op de huidige locatie, en, (5) binnen de PO-B de afspraak is gemaakt dat ZSM als locatie Eindhoven gaat krijgen, waardoor een tijdelijke verhuizing verspilling van overheidsgelden is. Op 5 december 2017 heeft PO-B het besluit genomen en aan de ondernemingsraad bekendgemaakt om de afdeling ZSM, in afwachting van nieuwbouw aan de Mathildelaan te Eindhoven, te verhuizen naar de Statenlaan 41-43 te Den Bosch.

Oordeel

Naar het oordeel van de Ondernemingskamer valt de ZSM-aanpak, die een landelijke strekking heeft, onder de publiekrechtelijke taak van de Politie om criminaliteit te bestrijden. Doel van de ZSM-aanpak is dat de Politie, in samenwerking met ketenpartners (het OM, de reclassering, de Raad voor de Kinderbescherming, Slachtofferhulp) veel voorkomende criminaliteit voortvarend afhandelt. De Ondernemingskamer stelt in het licht van het voorgaande vast dat de uitvoering van het ZSM- beleid onlosmakelijk is verbonden met de concrete invulling van de samenwerking tussen de ketenpartners. Anders gezegd: de locatie waar het ZSM-beleid wordt uitgevoerd aan zogenoemde ZSM-tafels is zodanig verbonden met de inhoud en de uitvoering van dat beleid, dat het moet worden gezien als een essentieel onderdeel van dat beleid. Anders dan de ondernemingsraad in zijn pleidooi heeft gesteld betreft het bestreden besluit tot verhuizing geen besluit dat louter om bedrijfseconomische of organisatorische redenen is genomen en dat slechts de werkgeverstaak van PO-B betreft. De conclusie luidt dat het bestreden besluit, waarin ten behoeve van de beoogde samenwerking met de ketenpartners wordt gekozen voor een bepaalde locatie waar de ZSM-aanpak wordt uitgevoerd, moet worden gezien als een besluit dat is gericht op het beleid ten aanzien van en de uitvoering van de politietaak. De ondernemingsraad heeft gesteld dat het bestreden besluit is genomen door de eenheidsleiding van de PO-B en daarom niet is genomen door een democratisch gecontroleerd orgaan. De Ondernemingskamer verwerpt deze stelling. Dit brengt mee dat anders dan de ondernemingsraad betoogt sprake is van een besluit van een democratisch gecontroleerd overheidsorgaan. Bovenstaande overwegingen leiden tot de conclusie dat het bestreden besluit onder het primaat van de politiek valt. Voor zover ervan uit mag worden gegaan dat PO-B in het kader van de adviesaanvraag over de verhuizing van de afdeling ZSM een bovenwettelijk adviesrecht aan de ondernemingsraad heeft toegekend, kan de ondernemingsraad geen beroep instellen tegen het door PO-B genomen besluit. De regel van artikel 32 lid 4 WOR leidt in zoverre uitzondering omdat een beroepsrecht van de ondernemingsraad ten aanzien van een besluit dat onder de reikwijdte van het politiek primaat valt, onverenigbaar is met de bedoeling van de wetgever bij de uitsluiting van het medezeggenschapsrecht op grond van artikel 46d aanhef en sub b WOR. De voorgaande overwegingen leiden tot de conclusie dat de ondernemingsraad niet-ontvankelijk is in zijn verzoek.