Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Jan Linders B.V.
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 18 april 2018
ECLI:NL:RBLIM:2018:3715

werknemer/Jan Linders B.V.

Werkgever verschijnt niet in procedure over ontslag op staande voet. Verzoek werknemer om toekenning billijke vergoeding, gefixeerde schadevergoeding en transitievergoeding komt niet onrechtmatig of ongegrond voor, zodat het wordt toegewezen.

Feiten

Werknemer is sinds 1 augustus 2013 krachtens arbeidsovereenkomst in dienst van Jan Linders in de functie van filiaal-/teamleider. Op 20 december 2017 heeft Jan Linders werknemer op staande voet ontslagen, nadat zij hem eerder op 8 december 2017 al schriftelijk had geschorst. De ontslagbrief van 20 december noemt vijf ontslaggronden, variërend van het ongeoorloofd houden van pauzes tot het op camerabeelden zien lopen met 'drinken' waarvan onduidelijk is of het betaald is. Werknemer vordert onder meer een billijke vergoeding van € 6.000, gefixeerde schadevergoeding en de transitievergoeding.

Oordeel

Nu Jan Linders niet in de procedure is verschenen, is het verzoek onweersproken gebleven. Nu het verzoek verder niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, zal dit worden toegewezen, met dien verstande dat de gevorderde – maar naar omvang niet nader gespecificeerde – vergoeding van buitengerechtelijke kosten op geen enkele wijze is onderbouwd zodat die post zal worden afgewezen en dat de wettelijke rente eerst toewijsbaar is vanaf de datum van het verzoek nu een eerdere datum van verzuim niet is gesteld.