Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 28 december 2018
ECLI:NL:RBROT:2018:10789
werknemer/Paycheckers B.V.
Feiten
Paycheckers B.V. verricht payrollwerkzaamheden voor Wanted Zuid-Holland B.V. (hierna: Wanted). Werknemer is met Paycheckers een uitzendovereenkomst Fase 3 overeengekomen voor een periode van 12 maanden en van rechtswege eindigend op 20 februari 2019. Werknemer is op basis van een uitzendovereenkomst uitgeleend aan Wanted en werd vervolgens te werk gesteld bij de inlener Spie als ijzerwerker. Wanted heeft de samenwerking met Paycheckers op enig moment beëindigd. Voor de payrollwerkzaamheden is zij een nieuwe samenwerking aangegaan met Pay for People B.V. (hierna: PFP). Vanaf 6 augustus 2018 heeft Paycheckers geen salaris meer betaald aan werknemer. PFP heeft het weeksalaris voor de weken 32 en 33 bij wijze van voorschot aan werknemer betaald. Werknemer heeft beide betalingen teruggestort. Werknemer vordert bij wege van voorlopige voorziening veroordeling van Paycheckers tot betaling van achterstallig loon vanaf 6 augustus 2018.
Oordeel
De vraag die partijen verdeeld houdt, is met wie werknemer vanaf 6 augustus 2018 een arbeidsovereenkomst heeft. Beslissend voor het antwoord op die vraag is of ook binnen een payrollconstructie sprake kan zijn van overgang van onderneming. Volgens Paycheckers is aan alle vereisten van overgang van onderneming voldaan, zodat op de voet van het bepaalde in artikel 7:663 BW alle rechten en verplichtingen voortvloeiende uit de uitzendovereenkomst met werknemer zijn overgegaan op PFP. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter is die conclusie juist. Ter zitting is door Paycheckers toegelicht dat ten tijde van de overgang (augustus 2018) Wanted de uitsluitende opdrachtgever/inlener van Paycheckers was. Feitelijk betekende dit dat al het personeel van Paycheckers werkzaam was voor Wanted. Wanted heeft ervoor gekozen per 6 augustus 2018 de payrolldiensten te laten verrichten door PFP. Het voltallige personeel, 45 man, is mee overgegaan naar PFP. Dat betekent dat is voldaan aan het vereiste dat alle activiteiten van Paycheckers ten aanzien van het ‘project Wanted’ zijn voortgezet door PFP, inclusief het voltallige personeel. Aan de eisen van overgang van onderneming is daarmee voldaan. Dat sprake is van een payrollconstructie doet daaraan niets af. Op grond van het voorgaande is werknemer op grond van artikel 7:663 BW met ingang van 6 augustus 2018 in dienst van PFP. Dat leidt de kantonrechter vooralsnog tot de slotsom dat de vordering van werknemer jegens Paycheckers moet worden afgewezen.