Naar boven ↑

Rechtspraak

opdrachtnemer/opdrachtgever
Rechtbank Gelderland (Locatie Arnhem), 23 september 2019
ECLI:NL:RBGEL:2019:4363

opdrachtnemer/opdrachtgever

Opdrachtnemer die een bv heeft opgericht en in naam van die bv een managementovereenkomst heeft gesloten met opdrachtgever, daarbij zelf factureerde en soms per e-mail instructies ontving van opdrachtgever, is niet werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst.

Feiten

Opdrachtnemer en Recaliz Beheer B.V. (hierna: Recaliz) (waarvan opdrachtgever enig aandeelhouder en bestuurder is) hebben medio december 2014 een overeenkomst gesloten, genaamd ‘Inhuurcontract voor bepaalde tijd’ (hierna: de overeenkomst). Opdrachtnemer heeft vanaf 1 januari 2015 feitelijk werkzaamheden verricht voor opdrachtgever. Opdrachtnemer heeft Refreshing B.V. (hierna: Refreshing) opgericht en ingeschreven, omdat X de werkrelatie wenste te gieten in de vorm van een managementovereenkomst. Vervolgens is in januari 2016 een managementovereenkomst gesloten tussen opdrachtgever en Refreshing. Opdrachtnemer en opdrachtgever twisten over de vraag of tussen partijen al dan niet een arbeidsovereenkomst heeft bestaan.

Oordeel

De overeenkomst tussen partijen is qua inhoud en bedoeling niet eenduidig, maar de omstandigheid dat in deze overeenkomst Recaliz en niet opdrachtgever partij is, is een aanwijzing dat partijen reeds op dat moment hun samenwerking niet door middel van een arbeidsovereenkomst vorm wilden geven maar door middel van een overeenkomst van opdracht. Dat partijen aan de managementovereenkomst terugwerkende kracht hebben verleend wijst op een bevestiging van hun bedoeling bij het aangaan van de rechtsverhouding. Dat de managementovereenkomst door opdrachtnemer of diens accountant is opgesteld alsmede de tenaamstelling van de overeenkomst, wijzen erop dat partijen bij het aangaan van de rechtsverhouding voor ogen hadden dat werkzaamheden werden verricht anders dan op basis van een arbeidsovereenkomst. Daarmee in lijn is de verklaring van partijen in de managementovereenkomst waarin opdrachtgever en Refreshing uitdrukkelijk hebben verklaard zich ervan bewust te zijn dat door de overeenkomst geen dienstbetrekking of een arbeidsovereenkomst zal ontstaan en dat in de overeenkomst is bepaald dat opdrachtgever bevoegd is ook andere personen naast of in de plaats van opdrachtnemer in te zetten voor de feitelijke uitvoering van de opdracht. Het voorgaande kan tot geen andere conclusie leiden dan dat partijen bij het aangaan van de rechtsverhouding niet de bedoeling hebben gehad een arbeidsovereenkomst te sluiten, maar een overeenkomst van opdracht. De verrichte werkzaamheden werden gedeclareerd op factuurbasis, waarbij de facturen aanvankelijk zijn opgesteld door opdrachtnemer. Gelet op hetgeen partijen voor ogen stond en de feitelijke uitvoering die zij, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, aan hun rechtsverhouding hebben gegeven dient geconcludeerd te worden dat van een arbeidsovereenkomst tussen opdrachtgever en opdrachtnemer geen sprake is geweest. Dat de management fee bij de enkele ziekteperiode die er is geweest is doorbetaald, is onvoldoende om de rechtsverhouding te kwalificeren als arbeidsovereenkomst. Uit e-mails volgt dat opdrachtnemer de algemeen directeur van opdrachtgever veelal als cc in zijn e-mails informeerde over de voortgang van zijn werkzaamheden, soms diens instemming vroeg en soms instructies van hem kreeg. Dat leidt echter nog niet tot de conclusie dat sprake is van een gezagsverhouding. Ook in relatie tot een opdrachtnemer kan een zekere mate van instructie worden gegeven. Alle feiten en omstandigheden in onderling verband en samenhang bezien, moet geconcludeerd worden dat de verhouding tussen opdrachtnemer en opdrachtgever, vastgelegd in de overeenkomst, niet als een arbeidsovereenkomst maar als een overeenkomst van opdracht dient te worden beschouwd.