Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/werkgeefster
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 4 december 2019
ECLI:NL:RBMNE:2019:5923

werkneemster/werkgeefster

Werkgeefster is aansprakelijk voor eenzijdig ongeval met een scooter tijdens bezorging van maaltijden. Zij heeft onvoldoende aangetoond dat zij al die maatregelen heeft getroffen die redelijkerwijs nodig waren om het ongeval te voorkomen, waaronder controle van de banden.

Feiten

Werkneemster was in dienst van werkgeefster. Een van haar taken was het bezorgen van pizza’s op een scooter. Op 13 december 2014 is zij tijdens het bezorgen van pizza’s met de scooter gevallen. Zij heeft daarbij een wond aan haar knie en haar hoofd opgelopen. Werkneemster heeft werkgeefster op 5 januari 2018 aansprakelijk gesteld voor de gevolgen van het ongeval. Werkgeefster heeft de aansprakelijkheid afgewezen. Werkneemster verzoekt in dit deelgeschil een verklaring voor recht dat werkgeefster aansprakelijk is voor de gevolgen van het ongeval. Primair omdat werkgeefster haar zorgplicht als werkgever niet is nagekomen (art. 7:658 BW). Subsidiair omdat werkgeefster zich niet heeft gedragen als goed werkgever, omdat zij er niet voor heeft gezorgd dat haar werknemers die tijdens hun werkzaamheden moeten deelnemen aan het verkeer, goed zijn verzekerd (art. 7:611 BW). Volgens werkgeefster lijkt het erop dat werkneemster de deelgeschilprocedure inzet met het doel haar tot onderhandelen te dwingen en daar is de deelgeschilprocedure niet voor bedoeld. Inhoudelijk wijst werkgeefster aansprakelijkheid af.

Oordeel

Allereerst oordeelt de kantonrechter dat werkneemster belang heeft bij een uitspraak over de aansprakelijkheid. Het verweer van werkgeefster omtrent het doel van de deelgeschilprocedure gaat niet op. Verder overweegt de kantonrechter dat artikel 7:658 BW een hoog veiligheidsniveau eist en een ruime zorgplicht inhoudt. De toedracht van het ongeval staat niet vast. Behalve werkneemster heeft niemand het ongeval zien gebeuren, dus meer duidelijkheid over de toedracht kan niet worden gekregen. In ieder geval staat vast dat het ongeval is gebeurd terwijl werkneemster voor werkgeefster aan het werk was. Verder is tussen partijen niet in geschil dat het ongeval niet is gebeurd door opzet van werkneemster of omdat zij roekeloos heeft gereden. Dat betekent dat werkgeefster in beginsel aansprakelijk is voor het ongeval, tenzij zij aantoont dat zij al die maatregelen heeft getroffen die redelijkerwijs noodzakelijk waren om het ongeval te voorkomen. Werkgeefster leaset de scooters waarmee de werknemers op pad gaan. Dit uit veiligheidsoverwegingen, omdat de leasemaatschappij voor het onderhoud en wekelijkse controles zorgt. De kantonrechter is van oordeel dat werkgeefster, hoewel zij aangaf te zorgen voor reparaties van mankementen, niet aannemelijk heeft gemaakt dat er aandacht is geweest voor het belangrijke veiligheidsaspect van de banden. Verder heeft werkgeefster niet voldoende onderbouwd dat iemand dagelijks de scooters en banden controleert voordat zij aan de werknemers meegegeven worden. Het verweer van werkgeefster dat de werknemers zelf ook goed moeten opletten op mankementen aan de scooters gaat niet op. De werknemers zijn over het algemeen jongeren, studenten en scholieren, van wie niet kan worden gevergd dat zij beoordelen of een scooter voldoende veilig is om de weg op te gaan. Op grond van het voorgaande komt de kantonrechter tot het oordeel dat werkgeefster niet heeft aangetoond dat zij al die maatregelen heeft getroffen die redelijkerwijs nodig waren om het ongeval te voorkomen. Dat achteraf de kwaliteit van de banden en de weersomstandigheden niet meer zijn vast te stellen is daarbij niet doorslaggevend. Het gaat erom dat werkgeefster niet heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen om het gevaar van gladde banden te voorkomen. Het verzoek om voor recht te verklaren dat werkgeefster op grond van artikel 7:658 BW aansprakelijk is voor de gevolgen van het ongeval op 13 december 2014 wordt toegewezen. Vanwege de aansprakelijkheid op grond van artikel 7:658 BW heeft werkneemster geen belang meer bij de beoordeling van de aansprakelijkheid op grond van artikel 7:611 BW. De kantonrechter zal dit verzoek daarom niet beoordelen.