Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 30 juni 2020
ECLI:NL:RBAMS:2020:3300
Feiten
Stichting Mayday Rescue Foundation (hierna: Mayday) heeft tot doel het bieden van hulp aan gemeenschappen die zich in conflicten en/of natuurrampen bevinden. Werknemer is sinds 20 augustus 2018 in dienst van Mayday. Op 1 december 2018 is werknemer tot statutair bestuurder van Mayday benoemd en per 22 mei 2019 is werknemer aangesteld als Chief Financial Officer (CFO) van Mayday. Bij brief van 13 maart 2020 is werknemer door de raad van toezicht met onmiddellijke ingang geschorst als statutair directeur van Mayday en bij besluit van 30 april 2020 is werknemer als statutair bestuurder ontslagen. De arbeidsovereenkomst met werknemer is inmiddels ontbonden vanwege een verstoorde arbeidsverhouding. Werknemer heeft een aantal verkeerde keuzes gemaakt en zaken niet correct afgehandeld, toen Mayday in zwaar weer verkeerde. De kantonrechter oordeelde daarom dat aannemelijk is dat het vertrouwen van Mayday in werknemer is geschonden en dat een redelijke grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst bestond. In deze procedure vordert werknemer betaling van achterstallig salaris over maart/april 2020 en de maanden totdat het dienstverband is beëindigd.
Oordeel
In de ontbindingsbeschikking is door de kantonrechter geoordeeld dat Mayday is gehouden tot doorbetaling van het salaris van werknemer tot 1 augustus 2020, waarop een aantal bedragen in mindering strekken zoals in die beschikking is bepaald. In dit kort geding is, in aanvulling op de stellingen en verweren van partijen die in die procedure aan de orde zijn gesteld en in de beschikking zijn besproken en waarover is beslist, nog slechts aan de orde het antwoord op de vraag omtrent de hoogte van het loon tijdens ziekte van werknemer in maart 2020. Met betrekking tot het loon tijdens ziekte is in de arbeidsovereenkomst opgenomen dat werknemer bij ziekte aanspraak heeft op 70% van zijn laatstverdiende loon. Voor zover werknemer heeft gesteld dat hij aanspraak heeft op 100% van zijn laatstverdiende loon, heeft hij deze aanspraak in dit geding onvoldoende aannemelijk gemaakt. Dat het gebruik is bij Mayday om altijd 100% uit te betalen is door Mayday gemotiveerd bestreden en door werknemer niet nader toegelicht. Voor zover werknemer heeft betoogd dat hij in het verleden bij ziekte 100% uitbetaald heeft gekregen, heeft Mayday terecht verwezen naar zijn oude arbeidsovereenkomst waarin inderdaad de verplichting tot betaling van 100% bij ziekte was opgenomen. In de nieuwe, per 22 mei 2019, geldende arbeidsovereenkomst staat dit echter niet. Dat werknemer na 22 mei 2019 nog 100% betaald heeft gekregen bij ziekte is door Mayday betwist en door werknemer niet aangetoond. Dit brengt mee dat werknemer tijdens ziekte aanspraak heeft op 70% van zijn loon. Ten aanzien van de aanvangsdatum geldt dat een eerdere ziekmelding dan per 16 maart 2020 in dit geding niet aannemelijk is geworden. Werknemer verwijst in zijn e-mail van 16 maart 2020 weliswaar naar een eerdere ziekmelding, maar tegenover de betwisting is dat niet aannemelijk geworden. Partijen zijn het erover eens dat de periode loopt tot 30 maart 2020. Tegen de wettelijke verhoging heeft Mayday geen verweer gevoerd. Deze zal gelet op de omstandigheden van de zaak gematigd worden tot 25%. De afgifte van de loonspecificaties is eveneens als onbestreden toewijsbaar en dit geldt ook voor de wettelijke rente.