Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 14 mei 2020
ECLI:NL:RBNHO:2020:5485
Feiten
Werkneemster is sinds 29 december 2015 in dienst bij A.S. Watson (Health & Beauty Continental Europe) B.V. (hierna: A.S. Watson) als aankomend verkoopmedewerker bij Trekpleister. Op 13 november 2018 heeft werkneemster zich ziek gemeld. Op 8 januari 2019 is werkneemster, na twee schriftelijke waarschuwingen en een loonopschorting, bij de bedrijfsarts verschenen. De bedrijfsarts heeft vastgesteld dat werkneemster geen mogelijkheden had voor het verrichten van eigen of aangepast werk. Het opgeschorte salaris is vervolgens alsnog betaald. Partijen zijn overeengekomen dat werkneemster één keer per week een koffiemoment in het filiaal zou hebben. Deze zijn steeds afgezegd door werkneemster. In de eerstejaarsevaluatie van 2 maart 2019 hebben partijen (wederom) een wekelijks koffiemoment afgesproken. Werkneemster is in april 2019 aangesproken op het feit dat zij niet was verschenen op twee spreekuren van de bedrijfsarts. Het salaris is vanaf 12 april 2019 stopgezet. Bij brief van 30 april 2019 is werkneemster aangesproken op het feit dat zij niet op het spreekuur van behandelaar PSION was verschenen en is zij gesommeerd om contact met PSION op te nemen. Werkneemster heeft hierop niet gereageerd. Op 9 juli 2019 heeft het UWV geoordeeld dat de re-integratie-inspanningen van werkneemster onvoldoende zijn. Ook na het deskundigenoordeel van het UWV heeft werkneemster niet van zich laten horen. A.S. Watson verzoekt thans de arbeidsovereenkomst te ontbinden, vanwege, primair, (ernstig) verwijtbaar handelen van werkneemster. Werkneemster heeft geen verweer gevoerd.
Oordeel
Nu werkneemster geen verweer heeft gevoerd, dient uitgegaan te worden van de juistheid van het feitencomplex dat A.S. Watson aan haar verzoek ten grondslag heeft gelegd. Daaruit blijkt dat werkneemster herhaaldelijk geen gehoor heeft gegeven aan oproepen van A.S. Watson om haar re-integratieverplichtingen na te komen. Werkneemster is ondanks herhaalde inspanningen van A.S. Watson (waaronder waarschuwingen en een loonstop) onbereikbaar gebleken voor A.S. Watson, PSION, arbodienst en UWV. Van een deugdelijke reden hiervoor is niet gebleken. Naar het oordeel van de kantonrechter leveren de door A.S. Watson naar voren gebrachte en onbestreden gebleven feiten en omstandigheden een redelijke grond voor ontbinding op, zoals bedoeld in artikel 6:669 lid 3 sub e BW. Gelet op de hiervoor besproken omstandigheden kan van A.S. Watson niet worden verlangd dat zij de mogelijkheid tot herplaatsing onderzoekt en ligt herplaatsing van werkneemster ook niet in de rede. De kantonrechter kwalificeert de gedragingen van werkneemster als ernstig verwijtbaar in de zin van artikel 7:673 lid 7 sub c BW, zodat voor toekenning van een transitievergoeding aan werkneemster geen aanleiding bestaat. A.S. Watson heeft verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden op de kortst mogelijke termijn. Nu sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van werkneemster ontbindt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 8 sub b BW met ingang van de dag na de uitspraak van de beschikking.