Naar boven ↑

Rechtspraak

Accuverkoop Hefra B.V./werknemer
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 22 juli 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:6778
Concurrentiebeding van werknemer die in dienst trad als magazijnmedewerker en binnen tien jaar promoveerde naar de functie van exportmanager, is aanmerkelijk zwaarder gaan drukken. Werkgever kan aan het concurrentiebeding geen rechten ontlenen.

Feiten

Werknemer is op 25 maart 2010 voor de duur van drie maanden in dienst getreden van Accuverkoop Hefra B.V. (hierna: Hefra) als magazijnmedewerker tegen een (toenmalig) salaris van € 1.000 bruto per maand. De destijds aangegane arbeidsovereenkomst bevat een concurrentiebeding. De arbeidsovereenkomst is na ommekomst van de drie maanden steeds verlengd en op enig moment omgezet in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Op enig moment is werknemer de functie van verkoper binnendienst gaan vervullen. Vervolgens is hij gepromoveerd naar de functie van commercieel manager binnendienst en per 1 november 2018 is werknemer benoemd tot exportmanager. In deze laatste functie bedroeg zijn salaris € 3.500 bruto per maand. Bij geen van de functiewijzigingen is een nieuwe schriftelijke arbeidsovereenkomst gesloten. Werknemer heeft begin 2020 de arbeidsovereenkomst opgezegd tegen 17 februari 2020. Sindsdien hebben partijen gecorrespondeerd over de toepasselijkheid van het concurrentiebeding. Op 12 mei 2020 heeft werknemer een bv opgericht. Hefra vordert in kort geding werknemer te verplichten over te gaan tot het staken van zijn werkzaamheden en dergelijke werkzaamheden gestaakt te houden, werknemer te verplichten over te gaan tot beëindiging van zijn bedrijf, alsmede hem te veroordelen tot het betalen van een voorschot op de reeds verbeurde boetes, per 30 juni 2020 bepaald op een bedrag van € 25.000.

Oordeel

Op grond van het toepasselijke overgangsrecht is op deze arbeidsovereenkomst artikel 7:653 BW, zoals dit gold tot 1 januari 2015, van toepassing. Aan het schriftelijkheidsvereiste is in dit geval voldaan. Werknemer voert als meest verstrekkende verweer aan dat het concurrentiebeding aanmerkelijk zwaarder is gaan drukken door ingrijpende functiewijzigingen in de loop der jaren. Allereerst dient in dit kader getoetst te worden of sprake is van een ingrijpende wijziging van de arbeidsverhouding. Nadat werknemer begonnen was als magazijnmedewerker, is hij gepromoveerd naar commercieel manager binnendienst. Werknemer kreeg in die functie de verantwoordelijkheid over het magazijn en gaf leiding aan dertig medewerkers. Vervolgens is werknemer gepromoveerd naar de functie van exportmanager. In die functie had hij veel meer klantcontact en reisde hij daarvoor, al dan niet regelmatig, binnen Europa. Daarnaast droeg hij in die functie mede de verantwoordelijkheid voor de omzet van Hefra door het binnenhalen van orders. Al met al wordt vastgesteld dat de functie van magazijnmedewerker wezenlijk verschilt met de aanmerkelijk zwaardere functie van exportmanager met veel grotere verantwoordelijkheden en andere werkzaamheden. Er is aldus sprake van een ingrijpende functiewijziging die strookt met een beloning die 3,5 keer zo hoog is (€ 3.500 bruto per maand in plaats van € 1.000 per maand, naast een bonusregeling) tijdens de arbeidsduur van circa tien jaar. Vervolgens is de vraag of het concurrentiebeding door die ingrijpende functiewijziging zwaarder is gaan drukken. De kantonrechter beantwoordt die vraag bevestigend. Nu werknemer is opgeklommen tot exportmanager belemmert het concurrentiebeding hem feitelijk meer dan voorheen, omdat hij nu zonder dat beding veel ruimere mogelijkheden heeft op de arbeidsmarkt dan toen hij nog magazijnmedewerker was. Werknemer beschikt als exportmanager over veel meer gevoelige kennis waarmee hij Hefra kan benadelen dan wanneer hij magazijnmedewerker zou zijn gebleven. Het ligt dan ook voor de hand dat Hefra daardoor aanzienlijk méér reden heeft om een beroep te doen op het concurrentiebeding dan het geval zou zijn geweest als werknemer magazijnmedewerker zou zijn gebleven. Geconcludeerd wordt dat het concurrentiebeding aanmerkelijk zwaarder is gaan drukken. Het beding had op enig moment, ten gevolge van de functiewijziging naar verkoper binnendienst, dan wel ten gevolge van de functiewijziging naar exportmanager, opnieuw schriftelijk overeengekomen moeten worden, hetgeen niet is gebeurd. Hefra kan daarom geen rechten ontlenen aan het concurrentiebeding. Afwijzing van de vorderingen van Hefra volgt.