Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Stichting voor Persoonlijk Onderwijs Hurdegaryp
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Leeuwarden), 30 juni 2021
ECLI:NL:RBNNE:2021:2696
Schorsing van leraar na een interview waarin hij andere scholen oproept om leerlingen van zijn school op te nemen is niet gerechtvaardigd. Geen wederhoor toegepast en ook staat de zwaarwegende grond niet vast.

Feiten

Werknemer is per 1 augustus 2020 in dienst getreden bij Stichting voor Persoonlijke Onderwijs Hurdegaryp (hierna: SvPO) als docent aardrijkskunde op het Tjalling Koopmans College (hierna: TKC) met een arbeidsovereenkomst tot 1 augustus 2021. Op de arbeidsovereenkomst is de Rechtspositieregeling SvPO van toepassing. SvPO is negatief in het nieuws gekomen. In een krantenartikel in het dagblad Trouw van 12 juni 2021, met als kop: "Hoe een onderwijsideaal verzandt in dubieuze geldtransacties, belangenverstrengeling en gedesillusioneerde docenten" is kritisch ingegaan op de bestuursorganisatie bij SvPO, de geldstromen tussen de overkoepelde SvPO-stichting en de scholenstichtingen en de gehanteerde leersystemen op de scholen. Omrop Fryslân heeft eveneens aandacht besteed aan de situatie binnen SvPO. Op 12 juni 2021 heeft werknemer een radio-interview gegeven. Daarin zegt hij onder andere dat er een angstcultuur heerst binnen de school en doet hij onder andere een oproep aan andere scholen in Friesland om leerlingen van het SvPO op te nemen die weg zouden willen. Naar aanleiding van de berichten in de media heeft de schoolleider van SvPO op 12 juni 2021 telefonisch contact opgenomen met werknemer. Werknemer is vervolgens op 13 juni 2021 op non-actief gesteld omdat hij het TKC een dictatoriale malafide organisatie zou hebben genoemd en de leerlingen zou hebben vergeleken met gijzelaars. Werknemer heeft diezelfde dag geprotesteerd tegen de op non-actief stelling en de aantijgingen van de schoolleiding verworpen. Werknemer vordert dat de kantonrechter SvPO veroordeelt om hem toe te laten tot zijn bedongen arbeid, tot rectificatie van haar uitlatingen en betaling van een dwangsom.

Oordeel

De kantonrechter overweegt dat SvPO werknemer niet in de gelegenheid heeft gesteld om zijn opvattingen omtrent de voorgenomen schorsing kenbaar te maken. X heeft weliswaar op 12 juni 2021 met werknemer gebeld, maar ter zitting hebben beide partijen aangegeven dat in dat gesprek niet is gesproken over eventueel te treffen maatregelen naar aanleiding van het door werknemer gegeven interview. De kantonrechter is dan ook van mening dat de procedureregels met betrekking tot de hoorplicht niet zijn nageleefd op de wijze zoals voorgeschreven in de Rechtspositieregeling. Ook in de schorsingsbrief is niet duidelijk aangegeven waarom het in dit geval dringend noodzakelijk is om werknemer voor de laatste weken van zijn dienstverband van de werkvloer te weren. Daarmee is het niet aannemelijk dat de schorsing in de bodemprocedure stand zou houden. Ook op inhoudelijke reden is de kantonrechter vooralsnog van mening dat het schorsingbesluit niet houdbaar is. Volgens de kantonrechter is voorshands niet gebleken dat werknemer zou hebben gezegd dat het TKC een dictatoriale organisatie is en de leerlingen gijzelaars, terwijl SvPO op deze grond tot schorsing is overgegaan. De bewoordingen die door een anoniem gebleven docent(e) zijn gebruikt in het interview of het gesprek met Omrop Fryslân dat kennelijk aan het interview van werknemer is voorafgegaan, kunnen zonder nadere toelichting niet aan werknemer worden toegerekend. De kantonrechter heeft kennisgenomen van het interview van werknemer waarin hij alle scholen in Friesland heeft opgeroepen de leerlingen ruimhartig op te nemen. Alhoewel voorstelbaar is dat SvPO de opmerkingen van werknemer als grievend en schadelijk heeft ervaren, is de kantonrechter van oordeel dat de negatieve uitlatingen vrijwel in het niet vallen bij de ernstige verdachtmakingen in het dagblad Trouw door een groep anonieme docenten van verschillende SvPO-vestigingen. De kantonrechter heeft echter geen aanleiding om te veronderstellen dat werknemer aan dit artikel heeft meegewerkt. Werknemer heeft bovendien ter zitting aannemelijk gemaakt dat hij niet uit was op persoonlijk gewin maar dat hij meende in het belang van de kinderen van de school te moeten handelen. Alhoewel niet is uitgesloten dat het interview nadelig is voor SvPO, valt dit werknemer niet zodanig aan te rekenen dat hij om die reden met onmiddellijke ingang moest worden geschorst. Op grond van het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat vooralsnog niet is gebleken dat SvPO een zwaarwegende grond had om tot schorsing over te gaan. Daarom kan van SvPO worden gevergd dat aan werknemer de gelegenheid wordt geboden om gedurende de laatste week van het schooljaar te worden toegelaten op het werk. Weliswaar is sprake van een verstoorde arbeidsverhouding tussen SvPO en werknemer en heeft SvPO gesteld dat toelating van werknemer tot de werkvloer tot onrust zal leiden, maar de relatie met de leerlingen en overige docenten lijkt onverminderd goed te zijn gebleven. De vordering tot rectificatie wordt wel afgewezen wegens gebrek aan belang.