Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam, 7 december 2021Feiten
In de tussenbeschikking van 20 januari 2021 heeft de kantonrechter werkgeefster toegelaten tot het bewijs dat werkneemster een klant zonder toestemming heeft benaderd. In dat kader zijn er een aantal getuigen gehoord.
Oordeel
Uit de verklaringen kan worden afgeleid dat werkneemster tegen de klant ter sprake heeft gebracht dat zij de administratie kon verzorgen. Dat zij dit uit zichzelf ter sprake heeft gebracht, kwalificeert als het benaderen van een klant. Tegen de achtergrond van eerdere waarschuwingen vormt het (opnieuw) benaderen van een klant een dringende reden voor ontslag. Dat de klant niet op het aanbod van werkneemster in is gegaan en werkneemster (nog) geen eigen bedrijf had, doet daar niet aan af. Ook het benaderen van een klant is een activiteit die als nevenwerkzaamheden kan worden aangemerkt. Werkneemster heeft zich daar niet van onthouden en daarmee ernstig verwijtbaar gehandeld. Het ontslag is terecht gegeven. Werkneemster kan geen aanspraak maken op een billijke vergoeding.