Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Dordrecht), 12 november 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:10748
Feiten
Werkneemster is in dienst van Integra Beveiliging B.V. Op enig moment is de arbeidsovereenkomst geëindigd. Werkneemster verzoekt Integra Beveiliging te veroordelen tot betaling aan haar van bedragen onder meer ter zake van de billijke vergoeding, de transitievergoeding, de vergoeding wegens onregelmatige opzegging en achterstallig (vakantie)loon.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Aangezien werkneemster statutair bestuurder was van Integra Beveiliging, het verzoek betrekking heeft op de overeenkomst tussen haar en Integra Beveiliging en het geldelijk belang groter is dan € 25.000, is niet de kantonrechter maar de rechtbank (de handelskamer) op grond van artikel 2:241 BW bevoegd om van het verzoek kennis te nemen. De zaak wordt op grond van artikel 71 Rv verwezen naar de handelskamer ter verdere behandeling.