Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 18 december 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:11621
Feiten
Werkneemster is per 2 juni 2017 in dienst getreden bij (de rechtsvoorganger van) NAS Trading B.V. (hierna: Nas) als verkoopster dameskleding. Op 26 september 2020 heeft de bestuurder van Nas werkneemster laten weten dat zij per 30 september 2020 zou worden ontslagen. Werkneemster verzoekt de opzegging van de arbeidsovereenkomst te vernietigen, alsmede wedertewerkstelling en loondoorbetaling.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Vast staat dat werkneemster niet heeft ingestemd met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en dat Nas geen schriftelijke toestemming van het UWV had om de arbeidsovereenkomst met werkneemster te mogen opzeggen. Het verzoek tot vernietiging van de opzegging wordt daarom toegewezen. Nas heeft niet althans onvoldoende onderbouwd dat werkneemster niet kan terugkeren op de werkvloer, zodat zij werkneemster weer zal moeten toelaten tot het werk. Nas wordt voorts veroordeeld tot loondoorbetaling en tot betaling van achterstallig loon (circa € 500 bruto).