Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 15 februari 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:389
Feiten
Werknemer is op 9 september 2011 in de functie van schoonmaker in dienst getreden van Schoonmaken.nl B.V. (hierna: Schoonmaken). In de jaren 2013, 2014, 2015 en 2016 is werknemer zonder toestemming en zonder voorafgaande mededeling steeds enkele dagen later dan was afgesproken teruggekeerd van zijn vakantie. In de periode 2014 t/m 2018 is werknemer meerdere keren gewaarschuwd over zijn wangedrag. Bij brief van 10 december 2018 heeft Schoonmaken werknemer bericht dat ontslag op staande voet volgt als hij weer niet op tijd terugkomt van zijn vakantie. Op 28 juli 2020 heeft werknemer zich ziek gemeld. Vanaf 22 september 2020 is hij gaan re-integreren. Op 18 november 2020 heeft Schoonmaken de vakantieaanvraag van werknemer voor 17 december 2020 tot 8 februari 2021 goedgekeurd. Werknemer heeft Schoonmaken op 8 februari 2021 vanuit Ghana laten weten dat hij niet in staat is terug te keren, omdat hij ziek is en daar een medische onderhandeling dient te ondergaan waarvoor hij verwijst naar onder meer een verklaring van ‘Multi Clinic’ van 2 februari 2021. Op 8 februari 2021 heeft Schoonmaken werknemer bericht dat hij zonder toestemming van de Arbodienst een behandeling in Ghana heeft ondergaan. Omdat werknemer daarbij naar een codeoranjegebied is afgereisd wordt een loonstop opgelegd en gewaarschuwd voor ontslag op staande voet wanneer hij niet op het werk verschijnt. Op 15 februari 2021 is werknemer op staande voet ontslagen. Werknemer is op 20 maart 2021 uit Ghana naar Nederland teruggekeerd. Werknemer heeft in eerste aanleg verzocht om vernietiging van het ontslag op staande voet. Dit is afgewezen.
Oordeel
Het hof overweegt dat de door werknemer verstrekte verklaringen van zijn behandelend artsen in Ghana vragen oproepen wat betreft de precieze inhoud van de aan hem gegeven adviezen. Vast staat dat de arboarts op 8 februari 2021 op basis van de uit Ghana verkregen informatie heeft geoordeeld dat werknemer in staat was naar Nederland terug te reizen. Nu dit afweek van het advies van de Ghanese behandelaars had van werknemer verwacht mogen worden hieromtrent een deskundigenoordeel aan te vragen. Werknemer heeft daarvan afgezien. Daar komt bij dat werknemer er naar het oordeel van het hof geen afdoende verklaring voor heeft gegeven waarom hij wel in staat was om op 17 december 2020 naar Ghana te reizen, maar niet om terug naar Nederland te komen. Dat zijn gezondheid achteruit is gegaan, is niet gebleken. Al met al acht het hof het betoog van werknemer en de verklaringen dat hij erop mocht vertrouwen niet te kunnen reizen op onderdelen tegenstrijdig en daarmee niet overtuigend. Het hof is daarom van oordeel dat hij zonder goede reden op 8 en 13 februari 2021 zich niet bij Schoonmaken op het werk in Nederland heeft gemeld. Van overmacht om naar Nederland terug te keren is niet gebleken, nu Schoonmaken onweersproken heeft gesteld dat er dagelijks vliegtuigen vliegen van Ghana naar Nederland, zodat werknemer na 8 februari (toen Schoonmaken hem de loonstop had opgelegd) de gelegenheid had per direct alsnog terug te keren. Deze omstandigheden, gelet op de duidelijke waarschuwing die werknemer had gehad dat het niet nakomen van deze opdracht tot ontslag op staande voet zou leiden, in combinatie met de eerdere waarschuwingen die hij al had gehad, ook voor het te laat van vakantie terugkeren, dragen bij aan de conclusie dat werknemer Schoonmaken een dringende reden heeft gegeven voor ontslag op staande voet.