Naar boven ↑

Rechtspraak

BK Bouw- en Milieuadvies B.V. /werknemer
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 8 juni 2022
ECLI:NL:RBNHO:2022:5582
Werknemer heeft het relatiebeding overtreden en dient de hierop gestelde boete van € 34.000 te voldoen aan voormalig werkgever.

Feiten

Werknemer is op 1 juli 2002 bij de rechtsvoorganger van BK Bouw- en Milieuadvies B.V. (hierna: BK) in dienst getreden. Partijen zijn op 16 februari 2016 schriftelijk een relatiebeding overeengekomen inclusief boetebeding. Werknemer heeft de laatste jaren namens BK in-house adviezen en ondersteuning geleverd aan Omgevingsdienst IJmond, Omgevingsdienst Noord-Holland Noord en Gemeente Texel. Werknemer heeft een arbeidsovereenkomst gesloten met X en heeft op 26 mei 2021 zijn arbeidsovereenkomst met BK met ingang van 1 juli 2021 opgezegd. Op 2 juni 2021 heeft werknemer e-mails waarin hij BK informeert over de duur van de lopende projecten bij Omgevingsdienst IJmond en Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, met als bijlagen een overeenkomst en een offerte, naar zijn privé-e-mailadres verzonden. Partijen hebben afspraken gemaakt over het na het einde van de arbeidsovereenkomst met BK afronden van de opdrachten voor Omgevingsdienst Noord-Holland Noord en Gemeente Texel bij X. Deze afspraken heeft BK op 29 juni 2021 schriftelijk vastgelegd en daarbij is tevens aangegeven dat het relatiebeding voor overige projecten en klantcontacten onverminderd blijft gelden. Bij BK is op 1 september 2021 duidelijk geworden dat werknemer werkzaam is voor Omgevingsdienst IJmond. De gemachtigde van BK heeft werknemer op 21 september 2021 erop gewezen dat hij het relatiebeding heeft overtreden en een boete is verschuldigd, en werknemer gesommeerd de overtreding te staken en gestaakt te houden. Per brief van 28 september 2021 heeft werknemer via zijn gemachtigde betwist dat partijen een relatiebeding hebben afgesproken en dat er, als zo'n beding al is overeengekomen, geen sprake is van overtreding daarvan. In de door BK gestarte procedure staat de vraag centraal of werknemer een boete moet betalen aan BK wegens overtreding van het relatiebeding.

Oordeel

Geldigheid relatiebeding

Werknemer voert als meest verstrekkende verweer dat het relatiebeding nietig is, omdat dit in strijd is met het belemmeringsverbod. Werknemer heeft op geen enkele wijze onderbouwd dat BK een uitzendbureau is en hij een uitzendkracht is die ter beschikking is gesteld van Omgevingsdienst IJmond om daar onder haar leiding en toezicht te werken. Bovendien is werknemer niet in dienst getreden van Omgevingsdienst IJmond, maar van X, en heeft BK hem daarin op geen enkele manier belemmerd. Het beroep van werknemer op nietigheid van het relatiebeding slaagt dus niet. De kantonrechter komt tot het oordeel dat het relatiebeding geldig is en vernietiging daarvan niet aan de orde is. Ook staat vast dat Omgevingsdienst IJmond een ex-relatie is van BK die onder de werking van het relatiebeding valt. Verder staat vast dat werknemer rond half juli 2021 contact heeft gehad met Omgevingsdienst IJmond, namens X een offerte heeft opgemaakt en deze heeft gestuurd aan Omgevingsdienst IJmond en dat hij in de periode van 1 september tot en met 24 september 2021 voor Omgevingsdienst IJmond heeft gewerkt. Werknemer heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat hij toestemming had voor het contact met en het werk voor Omgevingsdienst IJmond. De kantonrechter gaat daarom voorbij aan het bewijsaanbod van werknemer op dit punt. Werknemer heeft dus het relatiebeding geschonden, wat betekent dat hij op grond van dat beding in beginsel een boete is verschuldigd van € 10.000 ineens en € 1.000 per dag vanaf 1 september 2021 tot en met 24 september 2021, in totaal € 34.000.

Matiging boete

BK heeft voldoende onderbouwd en aannemelijk gemaakt dat zij schade leidt door overtreding van het beding. De hoogte van de door werknemer berekende schade is betwist door BK, werknemer heeft deze berekening niet nader onderbouwd en deze komt de kantonrechter onaannemelijk voor. BK heeft haar belangen bij het relatiebeding en de gevolgen voor haar bedrijfsdebiet uitvoerig onderbouwd. Verder weegt de kantonrechter mee dat werknemer in de brief van 29 juni 2021 uitdrukkelijk is gewezen op het relatiebeding. De kantonrechter ziet dan ook geen grond om de boete matigen. De gevorderde boete van € 34.000 zal daarom worden toegewezen.