Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/OD B.V.
Rechtbank Rotterdam (Locatie Rotterdam), 18 augustus 2022
ECLI:NL:RBROT:2022:6946
Afwijzen loonvordering in kort geding door onduidelijkheid overgang van onderneming. Ontbreken gegevens (loon) administratie en aanmelding bij onbekende arbodienst zijn contra-indicaties voor het bestaan van een arbeidsverhouding.

Feiten

Op 1 november 2014 is werkneemster op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bij werkgeefster (een restaurant) in dienst getreden in de functie van administratief medewerkster op basis van 30 uur per week. Werkgeefster is een onderneming van de vader van werkneemster. Op 1 februari 2022 is de functie van werkneemster gewijzigd in manager en zij kreeg een hoger loon. Op 1 april 2022 hebben werkgeefster en OD B.V. (hierna: OD) een koopovereenkomst gesloten die betrekking heeft op het restaurant. Werkgeefster heeft in de plaats van OD de lonen van april en mei 2022 aan het personeel van OD uitbetaald. Werkneemster heeft over april en mei 2022 loon ontvangen van werkgeefster. Op 26 april 2022 heeft werkneemster zich arbeidsongeschikt gemeld. Werkneemster vordert onder meer OD te veroordelen tot betaling van de nettotegenwaarde van haar loon van € 4.130,13 bruto per maand vanaf juni 2022 totdat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig zal zijn geëindigd. OD heeft op 1 april 2022 het restaurant inclusief personeel overgenomen. Vanaf die datum is OD de werkgeefster van werkneemster en moet zij aan werkneemster loon betalen en loonstroken verstrekken. OD stelt zich op het standpunt dat omstreeks het sluiten van de koopovereenkomst op 1 april 2022 tussen de vader van werkneemster en een ander persoon namens OD is afgesproken dat werkneemster niet in dienst komt van OD, maar in dienst blijft bij werkgeefster. Volgens OD is zij dan ook niet gehouden om werkneemster loon te betalen of aan haar loonstroken te verstrekken.

Oordeel

Tijdens een kort geding wordt de zaak behandeld. Werkneemster stelt zich op het standpunt dat sprake is van een overgang van onderneming waardoor OD al het personeel heeft overgenomen en zij in dienst is gekomen van OD. Volgens OD is het restaurant van werkgeefster niet een-op-een overgegaan naar OD. Voor het tekenen van de koopovereenkomst is besproken dat het loon van werkneemster te hoog is gelet op de moeilijke tijden voor horecaondernemingen. Met de vader van werkneemster is mondeling afgesproken dat werkneemster bij werkgeefster in dienst zou blijven. Werkneemster stelt zich op het standpunt dat zij niet van deze afspraak tussen haar vader en OD af weet. Tussen partijen staat vast dat er een afspraak was tussen werkgeefster en OD, die inhoudt dat de lonen over april en mei 2022 voor al het personeel in dienst bij OD nog via de bankrekening van werkgeefster werden betaald omdat OD nog niet beschikte over een eigen bankrekening. OD heeft nooit loon betaald aan werkneemster. Werkneemster beschikt ook niet over haar loonstroken over april en mei 2022. Werkneemster heeft vanaf 1 april 2022 administratieve werkzaamheden verricht voor OD op het kantoor van OD. OD betwist dat werkneemster werkzaamheden heeft uitgevoerd voor OD. OD brengt naar voren dat zij niet over relevante stukken voor een arbeidsverhouding beschikt, terwijl zij die wel heeft voor alle andere werknemers, zoals een kopie van een identiteitsbewijs. De kantonrechter is voorlopig van oordeel dat het onduidelijk is of werkneemster door overgang van onderneming is overgegaan naar OD. Werkneemster heeft slechts naar voren gebracht dat zij niets van een afspraak af weet dat zij bij werkgeefster in dienst zou blijven. Het ontbreken van gegevens in de (loon)administratie en het gegeven dat werkneemster is aangemeld bij een arbodienst waarmee werkgeefster wel een contract heeft en OD niet, zijn contra-indicaties voor het bestaan van een arbeidsverhouding tussen werkneemster en OD. Er zijn nu te veel onduidelijkheden, waardoor er volgens de kantonrechter meer onderzoek en bewijslevering nodig is ten aanzien van de feiten. Een kortgedingprocedure leent zich daar echter niet voor. De eis van werkneemster wordt afgewezen.