Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/ HAVAS WORLDWIDE DIGITAL AMSTERDAM B.V.
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 13 juni 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:1379
Het hof ziet geen aanleiding terug te komen van zijn eindbeslissingen. Beoordeling schadeposten na letselschade.

Feiten

Bij het tussenarrest heeft het hof – kort weergegeven – geoordeeld dat werkgeefster c.s. zijn tekortgeschoten in hun plicht om als werkgever te zorgen voor een veilige werkomgeving. Zij zijn aansprakelijk voor de schade die werkneemster heeft geleden als gevolg van het haar op 16 mei 2013 overkomen ongeval. Voorts is geoordeeld dat het causaal verband tussen de voortdurende klachten en het ongeval niet is komen vast te staan. Wel heeft het hof aannemelijk geacht dat werkneemster kort na het ongeval klachten had die aan het ongeval zijn toe te schrijven. Dat zij als gevolg daarvan daadwerkelijk schade heeft geleden in de vorm van verlies van verdienvermogen heeft het hof niet aannemelijk geacht. Niet valt echter uit te sluiten dat werkneemster, als gevolg van het ongeval, in een korte periode na het ongeval andere schade heeft geleden, waarvoor werkgeefster c.s. aansprakelijk zijn. Het hof heeft werkneemster in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over alle schade die zij heeft geleden.

Oordeel

Werkneemster verzoekt het hof om terug te komen op eindbeslissingen. Uit de toelichting van werkneemster op haar bezwaren tegen de bindende eindbeslissingen in het tussenarrest, volgt dat werkneemster het niet eens is met de overwegingen die het hof aan zijn beslissingen ten grondslag heeft gelegd. Het hof oordeelt dat het gebonden is aan zijn eindbeslissingen, behoudens bijzondere omstandigheden. Daar is geen sprake van, zodat het hof geen aanleiding ziet om terug te komen van de eindbeslissingen. Het hof beoordeelt de schadeposten. De volgende schadeposten worden toegewezen: (i) het eigen risico als gevolg van het bezoek aan de afdeling spoedeisende hulp, (ii) de kosten voor de craniaal sacrale therapie, (iii) de kosten voor acupunctuur, (iv) de kosten voor de uitlaatservice voor de honden, (v) de kosten voor huishoudelijke hulp, maar beperkt tot drie weken na het ongeval en (vi) smartengeld ter hoogte van € 1.000.