Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (Locatie Arnhem), 25 oktober 2023
ECLI:NL:GHARL:2023:9385
Feiten
Werknemer is op 11 maart 2017 in dienst getreden bij De Jong Infrabeheer, Onderhoud & Services BV (hierna: DJZ) als chauffeur/medewerker onderhoud wegen. Op of omstreeks 28 oktober 2020 is werknemer door een medewerker van DJZ gebeld met het verzoek om de gasfles waarmee hij naar zijn auto, die geparkeerd stond op het terrein van DJZ, was gelopen, terug te komen brengen. Op 12 november 2020 is werknemer door DJZ ontslagen, onder meer omdat hij de betreffende gasfles zou hebben gestolen. De kantonrechter heeft – na DJZ in de gelegenheid te hebben gesteld bewijs te leveren – geoordeeld dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig is. Werknemer heeft hoger beroep ingesteld. Ter onderbouwing van haar standpunt dat sprake is van een dringende reden heeft DJZ een filmpje in het geding gebracht waarop te zien is dat werknemer een op een persluchtfles gelijkend voorwerp in zijn armen draagt terwijl hij buiten op het terrein grenzend aan het bedrijfsgebouw van DJZ naar zijn auto loopt. Daarnaast zijn foto’s beschikbaar, gemaakt tijdens het getuigenverhoor bij de kantonrechter, van een persluchtfles zoals werknemer die volgens DJZ van haar heeft meegenomen en van de persluchtfles die werknemer naar eigen zeggen op het filmpje in zijn handen heeft. In verband met het door werknemer gevoerde verweer over de kwaliteit van het filmpje, heeft het hof beslist dat een deskundige kort gezegd zal moeten beoordelen wat uit het filmpje over de persluchtfles kan worden opgemaakt en is bij tussenbeschikking van 8 februari 2023 een deskundige benoemd. Op 3 mei 2023 heeft de deskundige van het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau een rapport opgesteld.
Oordeel
Het hof oordeelt als volgt. Tijdens het getuigenverhoor ten overstaan van de kantonrechter is vastgesteld dat de fles die werknemer stelt te hebben gedragen ongeveer 76 cm lang is en de fles, eigendom van DJZ en gelijkend op het volgens haar door werknemer meegenomen exemplaar, 94-95 cm. Onbetwist is dat een persluchtfles heel eenvoudig van een andere bovenkant kan worden voorzien. Hoewel niet kan worden vastgesteld welke fles werknemer op het filmpje nu precies in zijn handen heeft, maakt het hof uit de antwoorden van de deskundige in combinatie met de vastgestelde lengte van de flessen op dat werknemer in elk geval een langere fles heeft gedragen dan hij op het getuigenverhoor heeft getoond en waarvan hij steeds heeft verklaard die naar zijn auto te hebben gebracht. Werknemer heeft niets aangevoerd dat noopt tot nuancering van deze conclusie. Dit maakt dat het hof uitgaat van de juistheid van de stelling van DJZ dat uit het filmpje blijkt dat werknemer een persluchtfles van haar draagt en vervolgens heeft meegenomen. Het filmpje met de conclusies in het deskundigenbericht in combinatie met de meetgegevens van de flessen leveren naar het oordeel van het hof een voldoende onderbouwing op van de door DJZ aangedragen dringende reden voor het ontslag op staande voet. Werknemer heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal/verduistering in dienstbetrekking, een naar het oordeel van het hof zodanig ernstig feit dat – ook meewegend de aangevoerde persoonlijke omstandigheden van werknemer – een dringende reden oplevert voor een ontslag op staande voet. Werknemer is terecht op staande voet ontslagen. Het door werknemer ingestelde hoger beroep slaagt niet.