Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Assen), 16 februari 2021
ECLI:NL:RBNNE:2021:478
Feiten
Regionale Ambulancevoorzieningen UMCG B.V. (hierna: UMCG) onderhoudt een ambulancedienst met diverse standplaatsen in Friesland en op de Waddeneilanden. Zij heeft ongeveer 120 werknemers in de zogenoemde Waddenpool. Dit betreft werknemers die diensten moeten draaien op de Waddeneilanden en de pool bestaat uit alle werknemers van het cluster Friesland en een aantal uit Drenthe. Op Terschelling zijn altijd twee ambulances 24/7 paraat met een bezetting van een chauffeur en een verpleegkundige, op Vlieland en Schiermonnikoog één. Bij de 24/7-beschikbaarheid en -bereikbaarheid van een ambulancedienst geldt een landelijke norm, gebaseerd op een jaargemiddelde, die erop neerkomt dat een ambulance bij spoed (A1-oproepen) in 95% van de gevallen binnen 15 minuten ter plekke aanwezig moet zijn. De eilanders zijn allen werkzaam als chauffeur of verpleegkundige en draaien mee in de Waddenpool. Werknemers 1 t/m 6 zijn eilanders. De eilanders draaien, hoewel zij daartoe niet contractueel verplicht zijn, diensten op zowel het eiland als het vaste land. Op hun arbeidsovereenkomsten is de cao Sector Ambulancezorg van toepassing, waarin is bepaald dat een aanwezigheidsdienst een periode van maximaal 24 uur is, waarin het personeel in de bedrijfsruimte op oproep beschikbaar moet zijn; een bereikbaarheidsdienst is hetzelfde, maar dan houdt het personeel zich vanaf elders beschikbaar. Bij aanwezigheidsdiensten moet de werkgever zorgdragen voor goede faciliteiten zoals een bed. Werknemers vorderen een verklaring voor recht dat hun 24-uursdiensten kwalificeren als aanwezigheidsdiensten, UMCG te veroordelen tot het treffen van goede faciliteiten en loon. Volgens werknemer is er een onderscheid in het roosteren van 24-uursdiensten op vaste wal en de eilanden, doordat deze diensten op de eilanden – deels – als bereikbaarheidsdienst worden aangemerkt.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. UMCG heeft niet weersproken dat de 24-uursdiensten aan land anders worden ingevuld dan op de eilanden. Waar aan land sprake is van één aanwezigheidsdienst, is op de eilanden sprake van 12 uur aanwezigheidsdienst en 12 uur bereikbaarheidsdienst. Per saldo komt dit erop neer dat hetzelfde werk ongelijk wordt beloond. Dat dit voor alle werknemers van UMCG geldt, dus zowel voor de eilanders als de walbewoners, betekent niet dat geen sprake is van verboden onderscheid. Feitelijk worden de eilanders immers gedwongen om diensten op de vaste wal in plaats van op de eilanden te verrichten, willen zij voorkomen dat zij meer ingezet moeten worden op de eilanden om aan hun wekelijkse urenaantal te komen. Voor de walbewoners geldt dit omgekeerd niet. Voor de vraag of sprake is van arbeidstijd gedurende de ‘bereikbaarheidsdiensten’ van de eilanders, moet naar de (Europese) jurisprudentie worden gekeken. Die komt erop neer dat als de mogelijkheden van werknemer om tijdens zo’n dienst andere activiteiten te ondernemen sterk wordt beperkt, sprake is van arbeidstijd. Minder relevant is de duur van de aanrijdtijd. Volgens de kantonrechter worden de eilanders tijdens de bereikbaarheidsdienst te zeer beperkt in de zin van het Matzak-arrest. Dat blijkt uit tal van voorbeelden, maar het sprekendste voorbeeld is dat werknemers tijdens de bereikbaarheidsdienst nagenoeg constant in uniform dienen te lopen, dat schoon, geur- en virusvrij moet zijn. De verklaring voor recht dat de bereikbaarheidsdienst voor eilanders arbeidstijd is, wordt toegewezen.