Naar boven ↑

Rechtspraak

bewindvoerster/werkgever B
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Almere), 17 juni 2024
ECLI:NL:RBMNE:2024:3770
Bewindvoerster vraagt verklaring voor recht dat sprake is onregelmatige opzegging vanwege opvolgend werkgeverschap, zodat laatste arbeidsovereenkomst kwalificeert als contract voor onbepaalde tijd. Verzoek toegewezen.

Feiten

Werkneemster staat onder bewind. Zij is op 15 december 2021 in dienst getreden in de functie van verkoopmedewerkster bij werkgever A (hierna: A). De laatste (en derde) arbeidsovereenkomst met A eindigde op 14 juli 2023. Werkneemster is vervolgens op 15 juli 2023 voor zeven maanden in dienst getreden bij werkgever B (hierna: B). Per brief van 8 januari 2024 heeft B werkneemster laten weten dat haar arbeidsovereenkomst per 14 februari 2024 eindigt. De bewindvoerster van werkneemster stelt dat sprake is van opvolgend werkgeverschap, zodat de arbeidsovereenkomst per 15 juli 2023 met B kwalificeert als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en dus niet opgezegd had mogen worden. Derhalve verzoekt bewindvoerster om een verklaring voor recht dat de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig is opgezegd. Voorts verzoekt bewindvoerster een vernietiging van de opzegging, alsmede een wedertewerkstelling van werkneemster onder straffe van een dwangsom van € 250 per dag. Voorts vordert bewindvoerster € 4.334,34 bruto aan achterstallig salaris.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Bewindvoerster heeft uiteengezet dat A, die op verschillende locaties slijterijen exploiteert, en B, die op verschillende locaties pakkettendiensten aanbiedt, hun bedrijfsactiviteiten met elkaar combineren. De winkels zijn fysiek en organisatorisch met elkaar verbonden. Vanaf 15 december 2021 werkte werkneemster in de slijterij en de pakkettendienst in dezelfde vestiging (hierna: vestiging 1). Vanaf 15 juli 2023 bleef werkneemster dezelfde werkzaamheden verrichten in vestiging 1, maar dan via een arbeidsovereenkomst met B. Dat in de arbeidsovereenkomst tussen werkneemster en B staat vermeld dat zij ging werken als filiaalleidster vanuit een andere plaats dan vestiging 1, had dan ook geen betekenis. Vanaf begin oktober 2023 tot haar ziekmelding per 11 november 2023 heeft werkneemster vanwege personeelstekorten tijdelijk als verkoopmedewerkster in een andere vestiging gewerkt. Ook hier combineerde zij de werkzaamheden in de slijterij en van de pakkettendienst als verkoopster, aldus de bewindvoerster. B heeft aangevoerd dat de werkzaamheden van werkneemster bij A en B wel degelijk verschilden. Volgens B werkte werkneemster bij A uitsluitend in de slijterij en bij B uitsluitend in de pakkettendienst. B heeft daarnaast betwist dat de bedrijven met elkaar verweven zijn. In het licht van wat de bewindvoerster naar voren heeft gebracht, is het verweer van B onvoldoende onderbouwd. De bewindvoerster heeft ter onderbouwing van haar stellingen verschillende stukken overgelegd, zoals foto’s waarop te zien is dat werkneemster werkte bij de pakkettendienst in vestiging 1 en door haar ingevulde verzendbonnen. Dat die werkzaamheden destijds incidenteel waren, heeft B niet onderbouwd. Verder heeft bewindvoerster roosters overgelegd waaruit volgt dat werkneemster na 15 juli 2023 (als enige medewerker) was ingedeeld in de slijterij in vestiging 1. Ook heeft bewindvoerster onderbouwd dat de omstandigheden waaronder werkneemster werkte, zoals de hoogte van haar loon, nagenoeg hetzelfde zijn gebleven. De kantonrechter concludeert dan ook dat A en B ten aanzien van de door werkneemster verrichte arbeid geacht worden elkaars opvolger te zijn. Derhalve kwalificeert de arbeidsovereenkomst van 15 juli 2023 op grond van 7:668a lid 1 BW als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Het achterstallige loon over de periode van 15 februari 2024 tot en met 31 maart 2024 wordt toegewezen. De gevraagde wettelijke verhoging en de wettelijke rente over het loon tot en met maart 2024 worden ook toegewezen, omdat B te laat heeft betaald. Werkneemster heeft recht op wedertewerkstelling. De wedertewerkstelling moet plaatsvinden binnen 14 dagen na datum beschikking.