Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 21 mei 2024
ECLI:NL:GHAMS:2024:1382
Feiten
Werknemer is op 15 februari 2020 bij Facility Climate B.V. in dienst getreden als service/onderhoudsmonteur. In de van toepassing zijnde cao voor het Metaalbewerkingsbedrijf (hierna: de cao) is bepaald dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd het uitgangspunt is en dat een arbeidsovereenkomst alleen maar tijdelijk kan zijn als dat schriftelijk is afgesproken. Tussen partijen ontstaat in 2020 discussie over de vraag of sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (standpunt werknemer) dan wel bepaalde tijd (standpunt Facility Climate), alsmede over de hoogte van het overeengekomen salaris. Werknemer heeft zich op 1 juli 2020 ziek gemeld. Bij e-mail van 10 augustus 2020 heeft Facility Climate werknemer geschreven dat de zijn arbeidsovereenkomst op 15 augustus 2020 eindigt. Werknemer heeft op 10 september 2020 een kortgedingdagvaarding uitgebracht. Hij vorderde onder meer door een bedrijfsarts te worden onderzocht, toegelaten te worden tot de overeengekomen werkzaamheden zodra hij in staat is te re-integreren en veroordeling van Facility Climate tot betaling van achterstallig loon en doorbetaling van loon. De vordering is bij kortgedingvonnis van 19 januari 2021 – bijna geheel – door de kantonrechter toegewezen. De kantonrechter heeft in eerste aanleg op verzoek van Facility Climate bepaald dat partijen een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zijn overeengekomen, die inmiddels is geëindigd, en een nettoloon van € 1900 per maand. Beide partijen hebben hoger beroep ingesteld.
Oordeel
Het hof oordeelt als volgt.
Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd
Op grond van de cao is een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd alleen rechtsgeldig als deze schriftelijk is overeengekomen. In het onderhavige geval is niet komen vast te staan dat partijen een schriftelijke – en daarmee rechtsgeldige – arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd hebben gesloten. De op 2 juli 2020 op verzoek van werknemer toegezonden arbeidsovereenkomst is weliswaar een overeenkomst voor bepaalde tijd, maar werknemer heeft daar meteen tegen geprotesteerd, zich op het standpunt stellend dat hij bij aanvang van het dienstverband een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft getekend maar niet heeft meegekregen. Nu de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd alleen door Facility Climate is ondertekend, is geen sprake van een ‘afgesproken’ arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 13 lid 1 van de cao. Dit betekent dat de grieven van werknemer slagen en dat voor recht wordt verklaard dat sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
Overeengekomen salaris
Facility Climate heeft het hof niet overtuigd van haar stelling dat een salaris van € 1900 netto per maand is overeengekomen en het hof gaat ervan uit dat dit € 3200 bruto was. Tegenover onvoldoende overtuigende, want inconsistente, verklaringen zijdens Facility Climate staan de verklaringen onder ede van werknemer zelf en zijn partner. Werknemer verklaart dat hij in zijn eerste week een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met een brutosalaris van € 3200 heeft getekend (maar dat hij daarvan geen kopie heeft meegekregen) en dat hij een eerder door een ander bedrijf aangeboden jaarcontract met eenzelfde salaris naar het gesprek had meegenomen en heeft laten zien. De partner van werknemer heeft verklaard dat werknemer nooit een lager loon dan bij zijn vorige werkgever (zijnde € 3232 bruto) zou hebben aanvaard omdat zijzelf minder ging werken in verband met de zorg voor hun zoon. In de schriftelijke stukken valt naar het oordeel van het hof steun te vinden voor het standpunt van werknemer. Ook de door werknemer gevorderde verklaring voor recht dat een salaris van € 3200 bruto was overeengekomen wordt toegewezen. Facility Climate wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon.