Rechtspraak
werkgeefster/werkneemster
Werkneemster is in dienst als merkengemachtigde. Zij is getrouwd met een van oprichters van de rechtsvoorgangster van werkgeefster. Haar echtgenoot heeft een concurrerende onderneming opgericht, die zich richt op klanten van werkgeefster. Werkgeefster is haar belangrijkste klant aan de echtgenoot kwijtgeraakt. Thans verzoekt werkgeefster ontbinding van de arbeidsovereenkomst, waarbij een vergoeding van € 10.000 wordt aangeboden.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Werkgeefster heeft voldoende duidelijk gemaakt dat zij werkneemster niet 'aanvalt' op haar integriteit, maar dat zij simpelweg het risico niet kan en wil nemen dat er gevoelige informatie bij haar concurrent terechtkomt. De belangen van werkgeefster bij het beschermen van bedrijfsgevoelige informatie wegen zwaarder dan de belangen van werkneemster, zodat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. Als uitgangspunt dient de rechter zich terughoudend op te stellen ter zake de beoordeling van zaken rond 'liefde op het werk', zodat in beginsel een C-factor 1 wordt toegekend. In deze kwestie is er aanleiding om een deel van het risico bij werkneemster te leggen, omdat ze wist dat 'liefde en werk' tot problemen kon leiden. Ze is in 2002 bij een kort geding hierover betrokken geweest. Wel wordt de non-actiefstelling werkgeefster verweten vanwege de schadelijke gevolgen voor werkneemster en het feit dat het personeel pas twee weken later is ingelicht. Werkneemster wordt een vergoeding van € 20.000 bruto toegekend.