Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Assen), 31 januari 2012
ECLI:NL:RBASS:2012:BV7396
Y/Pontmeyer Handelsbedrijven BV en W Montage c.s.
Y is in 2006 een bedrijfsongeval overkomen. Hij is door een golfplaat van een stal gezakt en op een ongeveer 4,5 meter lagere betonvloer gevallen. Hij heeft hierdoor ernstig letsel opgelopen. Y werkte als zelfstandige in opdracht van W. W had het project aangenomen van Pontmeyer, aan wie de hoofdaannemer de levering en montage van dak- en gevelplaten had uitbesteed. Pontmeyer had met de hoofdaannemer en W afgesproken dat zij zouden zorgen voor veiligheidsnetten onder het dak. Dit is alleen gebeurd bij het nieuwbouwgedeelte en niet onder het bestaande dak (waar Y doorheen zakte). De Arbeidsinspectie heeft vastgesteld dat artikel 10 Arbowet is overtreden. Y stelt W c.s. en Pontmeyer aansprakelijk voor de schade die hij als gevolg van het ongeval lijdt.
De kantonrechter oordeelt als volgt. In het vonnis in het incident (zie AR 2011-1073) is reeds overwogen dat de enkele omstandigheid dat Y zijn werkzaamheden voor W als zelfstandige heeft verricht, onvoldoende is om hem een beroep op artikel 7:658 lid 4 BW te ontzeggen. Voor toepassing van dat artikel wordt met name van belang geacht of Y ten opzichte van W een positie innam die vergelijkbaar is met eigen werknemers, waarbij het vooral aankomt op de vraag of de werkzaamheden die Y voor W verrichtte onder de normale bedrijfsuitoefening vielen, en of er sprake was van enige gezagsverhouding in die zin dat er zeggenschap was over de wijze waarop Y zijn werkzaamheden uitvoerde. De kantonrechter is van oordeel dat aan beide voorwaarden is voldaan, zodat getoetst wordt aan artikel 7:658 BW.
W had Y niet op het dak aan het werk mogen laten gaan zonder tijdig voldoende veiligheidsmaatregelen te (laten) treffen. Dit is echter wel gebeurd. Dat Pontmeyer voor veiligheidsnetten zou zorgen, neemt de zorgplicht van W ten opzichte van Y niet weg. W was degene die Y aan het werk liet gaan en de verantwoordelijkheid droeg voor de omstandigheden waaronder hij deze moest uitvoeren. W c.s. zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schade van Y.
Vastgesteld wordt dat Pontmeyer de verplichting op zich had genomen om te zorgen voor de aanwezigheid van veiligheidsnetten op de bouwplaats. Pontmeyer wist dat die netten tot doel hadden om degenen die het project feitelijk uitvoerden te beschermen tegen ernstige gevolgen van een mogelijke val. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat op Pontmeyer ten opzichte van die personen een vergaande verplichting en verantwoordelijkheid rustte om ervoor te zorgen dat dit goed en compleet gebeurde. Pontmeyer heeft ten onrechte verzuimd veiligheidsnetten onder de bestaande bouw te laten aanbrengen. Pontmeyer heeft zich er ook niet van vergewist dat het bestaande dak bij de uitvoering van de werkzaamheden niet hoefde te worden betreden, dan wel dat W voldoende vervangende veiligheidsmaatregelen zou treffen. Ook Pontmeyer is derhalve naast W c.s. hoofdelijk aansprakelijk voor de schade van Y. Er wordt een inlichtingencomparitie gelast, zodat de kantonrechter nader kan worden voorgelicht over de schade van Y.