Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Rechtbank Gelderland, 24 oktober 2012
ECLI:NL:RBZUT:2012:BY3283

werknemer/werkgever

Geen sprake van opvolgend werkgeverschap na faillissement. Werkzaamheden en arbeidsvoorwaarden zijn wezenlijk verschillend

Werknemer is sinds 1992 in dienst van (de rechtsvoorgangers van) X. Op 29 maart 2010 is X failliet gegaan. De onderneming is voortgezet door de eigenaren van X. Op 12 april 2010 is werknemer op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in dienst getreden van de nieuwe eigenaren, welke overeenkomst is verlengd met ingang van 12 oktober 2010 voor de duur van een jaar. Na afloop van de laatste arbeidsovereenkomst weigert werkgever de arbeidsovereenkomst te verlengen. Werknemer beroept zich op artikel 7:668a BW en stelt dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Artikel 7:668a lid 1 BW ziet ook op een situatie waarin een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd door faillissement van de werkgever is geëindigd, een onderdeel van de failliete boedel door een derde is overgenomen en daarna sprake is van één of meer arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd (o.a. Gerechtshof 's-Gravenhage, 16 maart 2010, AR 2010-0481). In dit geval is wel degelijk sprake van opvolgend werkgeverschap. Op grond van overgelegde verklaringen wordt echter geoordeeld dat de werkzaamheden die voor werkgever worden verricht, verschillen van de werkzaamheden die werknemer voor X verrichtte. Bovendien zijn de arbeidsvoorwaarden, waaronder salaris, ook verschillend. Volgt afwijzing van de vorderingen.