Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting pensioenfond Horeca en Catering/werknemer
Gerechtshof Amsterdam, 26 februari 2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ4825

Stichting pensioenfond Horeca en Catering/werknemer

Ook stroman-bestuuder is hoofdelijk aansprakelijk voor niet-betaalde premies ingevolge artikel 23 Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds. Dat werknemer nimmer bestuurstaken verrichtte doet niet ter zake

Werknemer heeft tot 1 juni 2007 een dienstverband gehad met Lamham B.V. Hij werkte als kelner in de horecaonderneming Luca & Lucas. In de periode van 1 april 2005 tot 1 juni 2007 heeft werknemer in het handelsregister van de Kamer van Koophandel ingeschreven gestaan als bestuurder van Lamham B.V. Lamham B.V. heeft de door haar aan het pensioenfonds verschuldigde pensioenpremies over het jaar 2007 onbetaald gelaten. Op 9 september 2008 is zij failliet verklaard en op 26 augustus 2009 is zij, bij gebrek aan bekende baten, ontbonden. Bij brief van 28 oktober 2009 heeft het pensioenfonds werknemer als ex-bestuurder van Lamham B.V. aansprakelijk gesteld voor een bedrag van € 19.580,36 aan pensioenpremie dat tijdens zijn periode als bestuurder van Lamham B.V. niet was voldaan. Met werknemer is de kantonrechter van oordeel dat werknemer in feite nooit bestuurder van Lamham B.V. is geweest, maar enkel een stroman.

Het hof oordeelt als volgt. Partijen verschillen allereerst van mening over de vraag of werknemer kan worden beschouwd als bestuurder in de zin van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Wet Bpf 2000). Inschrijving in de Kamer van Koophandel is daartoe niet voldoende. Niettemin is de inschrijving in het handelsregister niet geheel zonder betekenis. Aan die inschrijving kan het vermoeden worden ontleend dat de ingeschreven persoon, in dit geval dus werknemer, ook daadwerkelijk bestuurder was. Het is dan aan werknemer om zijn verweer dat hij in werkelijkheid geen bestuurder was, deugdelijk te motiveren. Naar het oordeel van het hof heeft hij dat onvoldoende gedaan. Het enkele feit dat werknemer nooit bestuurstaken heeft uitgevoerd is onvoldoende voor de conclusie dat hij geen bestuurder zou zijn geweest. Op grond van het bepaalde in artikel 23 van de Wet Bpf 2000 kan immers zowel de materiële als de formele bestuurder hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de pensioenschuld van de vennootschap. Dat het ook nooit de bedoeling van werknemer en X (enig aandeelhouder van Lamham B.V.) was dat werknemer bestuurstaken zou uitvoeren is om dezelfde reden niet van belang. Beslissend is wel of de algemene vergadering van aandeelhouders van de vennootschap een besluit tot benoeming van werknemer als bestuurder heeft genomen en werknemer de benoeming heeft aanvaard. Daarvan is sprake. Op grond van artikel 23 Wet Bpf is werknemer dan ook aansprakelijk, tenzij hij het vermoeden van aansprakelijkheid kan weerleggen. Het feit dat hij zich slechts als formeel bestuurder heeft laten benoemen en zich in de praktijk niet met het bestuur heeft bemoeid of mocht bemoeien is geen geldige verontschuldiging.

De zaak wordt aangehouden op formele grond (artikel 21 Wet Bpf).