Naar boven ↑

Rechtspraak

X Infra B.V./werknemer
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 7 december 2012
ECLI:NL:RBBRE:2012:BZ2563

X Infra B.V./werknemer

Asfaltmedewerkers worden niet structureel in het eigen werkgebied ingezet. Voor bepaling ontslagvolgorde dient niet binnen de regio, maar landelijk te worden afgespiegeld. Aanhouding ontbindingsverzoek

Werknemer is sinds 1991 in dienst van X Infra als chauffeur kleefwagen in een asfaltploeg. Het concern waarvan X Infra deel uitmaakt heeft te lijden onder de gevolgen van de financiële en economische crisis. Werknemer werkt voor dochtervennootschap Asfalt B.V., die in 2011 en 2012 grote verliezen heeft geleden. Besloten is om het aantal asfaltploegen te verminderen, waardoor 36 arbeidsplaatsen komen te vervallen. X Infra heeft melding gedaan van het collectief ontslag. Thans verzoekt X Infra ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Voldoende aannemelijk is dat de bedrijfseconomische situatie van Asfalt moederbedrijf X Infra ertoe noodzaakt haar personeelsbestand, waar het de werknemers betreft die in deze dochtervennootschap werkzaam zijn, inkrimpt. Partijen hebben ter onderbouwing van hun standpunten aansluiting gezocht bij de BBA-procedure en het bepaalde in artikel 4:2 lid 1 Ontslagbesluit. Geoordeeld wordt dat de asfaltploegen geen intern organisatorisch verband vormen. Niet gesteld of gebleken is dat de asfaltploegen in de bedrijfsorganisatie wat betreft aansturing – intern – zelfstandige eenheden vormen. Ten aanzien van het gebied waarbinnen moet worden afgespiegeld, wordt het volgende overwogen. De planning van het asfalteerwerk gebeurt niet regionaal. De asfaltmedewerkers komen eenmaal per jaar ergens in het land voor een ‘asfaltdag’ samen en houden op de werklocatie hun werkbespreking. De werknemers komen nooit op het regionale kantoor in hun werkgebied. Onder deze omstandigheden kan het regionale werkgebied bij de toepassing van het afspiegelingsbeginsel niet worden aangemerkt als de bedrijfsvestiging waarbinnen de uitwisselbare functies moeten worden bepaald. Bij de bepaling van het gebied waarbinnen dient te worden afgespiegeld, komt het er vervolgens op aan dat enerzijds de ontslagbescherming wordt gewaarborgd (hetgeen meebrengt dat het gebied niet te klein mag zijn) en dat anderzijds wordt gewaakt tegen een onwerkbare uitkomst (wat meebrengt dat het gebied ook niet te groot moet zijn). De kantonrechter hecht bij deze afweging doorslaggevend belang aan de omstandigheid dat de asfaltmedewerkers structureel niet merendeels in het eigen werkgebied pleegden te worden ingezet. Geoordeeld wordt derhalve dat landelijk moet worden afgespiegeld. X Infra wordt in de gelegenheid gesteld om de gegevens in het geding te brengen die inzicht geven in het resultaat van een landelijke afspiegeling tussen asfaltmedewerkers. Volgt aanhouding van de zaak.