Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Rechtbank Midden-Nederland, 22 maart 2013
ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ6056

werknemer/werkgever

Werkgever weigert stelselmatig en zonder grond het loon van een zieke werknemer te betalen. Ontbinding op verzoek van werknemer wegens een dringende reden. Geen vergoeding

Werknemer is sinds 2005 in dienst, laatstelijk als voorman sloper. Hij is arbeidsongeschikt. Werkgever weigert het loon van werknemer door te betalen. In kort geding zijn partijen een schikking overeengekomen, maar werkgever is de op grond van die schikking op hem rustende betalingsverplichtingen slechts gedeeltelijk nagekomen en verdere betaling is uitgebleven. Werknemer is vervolgens overgegaan tot beslaglegging, maar dat heeft geen doel getroffen. In een tweede kort geding zijn de loonvorderingen van werknemer toegewezen, maar nog steeds weigert werkgever te betalen. Het UWV wil de betalingsverplichting niet overnemen omdat – samengevat – niet van betalingsonmacht van de werkgever is gebleken. Thans verzoekt werknemer ontbinding van de arbeidsovereenkomst onder toekenning van een vergoeding met C=2.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het stelselmatig en zonder grond niet betalen van salaris is in artikel 7:679 lid 2 sub c BW aangemerkt als een omstandigheid die voor de werknemer als dringende reden in de zin van artikel 7:677 lid 1 BW kan worden aangemerkt. De werknemer is voor zijn levensonderhoud van de verwerving van zijn inkomen afhankelijk. In deze zaak is voldoende aannemelijk dat werkgever na het ontstaan van de arbeidsongeschiktheid van werknemer door ziekte bewust onwillig is het salaris uit te betalen. In het algemeen, maar zeker in geval van ziekte van de werknemer, is dit de werkgever ernstig aan te rekenen. Daarbij komt dat de werkgever kennelijk in staat is verhaal door de werknemer op zijn vermogen illusoir te maken. Werknemer wordt daarmee door werkgever in een positie gebracht waarin hij niet gebracht had mogen worden. Nu de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden op grond van een dringende reden heeft werknemer geen aanspraak op toekenning van een vergoeding (artikel 7:685 lid 8 BW kent die mogelijkheid slechts toe ingeval van ontbinding wegens veranderingen in de omstandigheden).