Naar boven ↑

Rechtspraak

N.V. Rova Holding/werknemer
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 5 juli 2013
ECLI:NL:RBMNE:2013:3266

N.V. Rova Holding/werknemer

Afwijzing ontbindingsverzoek. Niet beƫindigen van eigen onderneming door werknemer geen reden voor ontbinding. Onvoldoende aannemelijk dat het functioneren van werknemer wordt belemmerd door werkzaamheden voor eigen onderneming

Werknemer is sinds 1997 in dienst van Rova, laatstelijk als medewerker weegbrug. Rova heeft in 2005 laten weten geen bezwaar te hebben tegen de nevenactiviteiten van werknemer (een eigen bedrijf), mits de arbeids- en rusttijdenbepalingen niet worden overschreden. In 2009 constateert Rova dat werknemer niet in staat is de werkzaamheden voor zijn eigen bedrijf en de werkzaamheden voor Rova te combineren. De toestemming voor het verrichten van nevenwerkzaamheden is toen ingetrokken. Rova verwijt werknemer dat gebleken is dat werknemer desondanks niet met zijn eigen bedrijf is gestopt. Thans verzoekt Rova ontbinding wegens een vertrouwensbreuk.

De kantonrechter oordeelt als volgt. De arbeidsovereenkomst, de bedrijfscode en de huisregels van Rova bevatten geen expliciet verbod tot het drijven van een eigen onderneming, nog los van de vraag of een dergelijk ongeclausuleerd verbod rechtsgeldig kan worden gegeven. Artikel 1.10 sub e cao geeft de werkgever (slechts) de bevoegdheid instemming met nevenactiviteiten te onthouden indien die nevenactiviteiten concurrerend zijn met of schade toebrengen aan het bedrijf van de werkgever, of in strijd zijn met het bepaalde in de Arbeidstijdenwet. Rova heeft niet gesteld dat deze omstandigheden zich voordoen. Het enkele niet aanstonds beƫindigen van de onderneming kan geen reden voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst zijn. Van werknemer als goed werknemer mag echter wel worden verwacht dat hij ervoor zorgdraagt dat zijn functioneren niet onder de instandhouding van zijn onderneming lijdt. Indien dit laatste wel het geval mocht blijken te zijn, kan dat gelet op de voorgeschiedenis ontbinding van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigen. Onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat werknemer tijdens werktijd dermate veel in verband met de onderneming heeft gebeld, dat dit een behoorlijk functioneren heeft belemmerd. Een aantal keren per week is daartoe onvoldoende. Volgt afwijzing van het ontbindingsverzoek.