Naar boven ↑

Rechtspraak

Buckaroo B.V./werknemer
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 28 juli 2014
ECLI:NL:RBMNE:2014:3205

Buckaroo B.V./werknemer

Ontbinding arbeidsovereenkomst Chief Information Officer betaaldienstverlener zonder toekenning vergoeding. Werknemer heeft onvoldoende gedaan om compliance op orde te brengen en kan zich er niet achter verschuilen dat hij formeel ondergeschikt was aan de bestuurders.

Werknemer (58 jaar) is op 1 april 2013 bij Buckaroo in dienst getreden als Chief Information Officer. Op deze arbeidsovereenkomst is van toepassing de Gedragscode integer zakendoen. Buckaroo is een betaaldienstverlener in de zin van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Zij moet beschikken over een vergunning van De Nederlandsche Bank (DNB). Voorts gelden voor Buckaroo vereisten op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (Wwft). Naar aanleiding van een bij Buckaroo ingesteld onderzoek heeft DNB op 6 maart 2012 een brief aan Buckaroo geschreven waarin zij bevestigt dat is gebleken dat Buckaroo nog niet in voldoende mate voldoet aan de Wft en de Wwft. De politie en de Kansspelautoriteit hebben twee keer een inval gedaan bij Buckaroo. Werknemer is sinds 13 mei 2014 arbeidsongeschikt. Bucakaroo verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst, omdat zij het vertrouwen in werknemer is verloren.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemer heeft zich ter zitting niet meer verzet tegen ontbinding, zodat het verzoek wordt toegewezen. Ten aanzien van de vergoeding wordt het volgende overwogen. Buckaroo verwijt werknemer terecht dat hij tegenover de RvC niet transparant is geweest. Werknemer heeft een advies van Nauta Dutilh over bepaalde klanten laten afzwakken zonder de RvC daarover in te lichten. Buckaroo voert aan dat het op orde brengen van compliance vanaf 19 december 2013 een van werknemers belangrijkste taken was. Gezien zijn betrokkenheid bij het dagelijks management was hij ook volledig bekend met de achtergronden en het belang van de verbetermaatregelen met betrekking tot de KYC/AML-documentatie. Werknemer heeft hier onvoldoende uitvoering aan gegeven. Naar het oordeel van de kantonrechter kan werknemer zich niet erachter verschuilen dat hij formeel ondergeschikt was aan de bestuurders van Buckaroo. Hij was immers voorgedragen als vervanger van de geschorste bestuurder en ook zijn salaris was dienovereenkomstig aangepast. Doordat DNB voorlopig niet akkoord ging met de benoeming van nieuwe bestuurders, heeft de formalisering van een en ander niet plaatsgevonden. Voldoende duidelijk is geworden dat de RvC erop stond dat (onder meer) de relatie met klanten in de gaming/gambling-industrie waarvan op 31 januari 2013 geen volledige KYC-documentatie (inclusief UBO-statements) beschikbaar was, zou worden beƫindigd. Voldoende aannemelijk is dat werknemer met betrekking tot deze punten vervolgens onvoldoende activiteiten heeft ontplooid, en hij zich op 22 januari 2014 achter de weigering van de bestuurders heeft geschaard. Op grond van de omstandigheden en mede gelet op het feit dat Buckaroo ter zitting heeft verklaard werknemer niet aan het non-concurrentiebeding te zullen houden, ziet de kantonrechter geen aanleiding een ontbindingsvergoeding toe te kennen.