Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Kenteq, Kenniscentrum Beroepsonderwijs Bedrijfsleven voor Techniek/werkneemster
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 15 december 2014
ECLI:NL:RBMNE:2014:6671

Stichting Kenteq, Kenniscentrum Beroepsonderwijs Bedrijfsleven voor Techniek/werkneemster

Hoewel pas in augustus 2015 sprake is van een overgang van onderneming van kenniscentrum en het opzegverbod niet direct van toepassing is, mag geen afbreuk worden gedaan aan beschermende bepalingen bij overgang van onderneming. Afwijzing ontbindingsverzoek wegens vervallen functie.

Werkneemster (57 jaar oud) is op 1 september 1985 bij een rechtsvoorgangster van Kenteq KBB in dienst getreden. Kenteq KBB is een door de overheid erkend Kenniscentrum Beroepsonderwijs Bedrijfsleven, zoals bedoeld in artikel 1.5.1 Wet educatie en beroepsonderwijs. Kenteq KBB ontvangt subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het ministerie heeft het subsidiebedrag per 1 januari 2015 met 40% verminderd. Het grootste deel van de wettelijke taken van Kenteq KBB (en van de overige meer dan 20 kenniscentra in Nederland) worden per 1 augustus 2015 overgedragen aan een andere uitvoeringsorganisatie, namelijk de Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Kenteq KBB zal op dat moment of kort daarna ophouden te bestaan. Kenteq KBB verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens verval van de functie van werkneemster (de functie van Senior Adviseur).

De kantonrechter stelt voorop dat er per 1 augustus 2015 sprake zal zijn van een overgang van onderneming zoals bedoeld in artikel 7:662 BW. De werknemers die op dat moment bij Kenteq KBB in dienst zijn, worden immers door SBB overgenomen, evenals de wettelijke taken die Kenteq KBB op dat moment uitvoert. Van een opzegverbod zoals bedoeld in artikel 7:670 lid 8 BW is wellicht niet direct sprake, maar voorkomen moet worden dat afbreuk wordt gedaan aan de beschermende werking die de bepalingen met betrekking tot overgang van onderneming beogen te bieden. Indien Kenteq KBB een ontslagaanvraag bij het UWV zou hebben ingediend, zou zij de in de Beleidsregels Ontslagtaak UWV vermelde (uitgebreide) financiële gegevens hebben moeten overleggen. De kantonrechter kent aan deze beleidsregels in deze zaak reflexwerking toe. Ten onrechte heeft Kenteq KBB volstaan met de stelling dat het subsidiebedrag met 40% vermindert. Uit de adviesaanvraag aan de ondernemingsraad valt af te leiden dat het hier gaat om een vermindering van € 14,1 miljoen naar € 8,5 miljoen, maar voor het overige heeft Kenteq KBB geen financiële gegevens verstrekt. Kenteq KBB heeft weliswaar advies gevraagd aan de ondernemingsraad, maar in haar adviesaanvraag was niet vermeld dat zij voornemens was de functie van Senior Adviseur te laten vervallen. In de adviesaanvraag is volstaan met het noemen van aantallen werknemers die zouden moeten afvloeien, zonder vermelding van de organisatorische uitwerking daarvan. Aldus heeft de ondernemingsraad zich geen goed oordeel kunnen vormen omtrent het voornemen van Kenteq KBB. Dat de ondernemingsraad met de reorganisatie heeft ingestemd is daarom in deze procedure zonder betekenis.

Kenteq KBB heeft onvoldoende gemotiveerd weersproken dat SBB ook de functie Senior Adviseur kent. Niettemin ontneemt zij werkneemster de mogelijkheid om voor die functie in aanmerking te komen, nu zij de arbeidsovereenkomst ‘in het zicht van de haven’ wenst te beëindigen. Het verzoekschrift vermeldt dat Kenteq KBB binnen haar organisatie naar andere passende functies voor werkneemster heeft gezocht, maar dat zo’n functie niet aanwezig is. Ter zitting is namens Kenteq KBB echter verklaard dat in het geheel niet gezocht is, omdat zij binnenkort toch ophoudt te bestaan. Mede gelet op de duur van het dienstverband (29 jaar) had het echter wel op haar weg gelegen om op zijn minst een dergelijk onderzoek te doen, ook al zou Kenteq KBB binnenkort ophouden te bestaan. Indien een dergelijke functie gevonden zou zijn, zou werkneemster (naar de kantonrechter op basis van hetgeen in deze procedure naar voren is gekomen aanneemt) als gevolg van de overgang van onderneming vervolgens van rechtswege bij SBB in dienst zijn gekomen. Indien vervolgens sprake zou zijn van overtolligheid, zou binnen SBB op basis van het afspiegelingsbeginsel daarover beslist worden. Kenteq KBB heeft niet weersproken dat werkneemster niet voor ontslag in aanmerking zou zijn gekomen, als de functie van Senior Adviseur niet vervallen was verklaard, maar de personeelsreductie met betrekking tot deze functie door toepassing van het afspiegelingsbeginsel zou zijn gerealiseerd. Volgt afwijzing van het ontbindingsverzoek.