Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Azur Investments Nederland B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 augustus 2015
ECLI:NL:GHARL:2015:5998

werknemer/Azur Investments Nederland B.V.

Werknemer slaagt niet in bewijs van nieuwe afspraken over loon en netto- in plaats van brutoprovisieregeling. Partijgetuige.

(Zie ook AR 2014-0804.) Bij tussenarrest heeft het hof werknemer opgedragen te bewijzen feiten en omstandigheden waaruit volgt dat partijen in afwijking van de oorspronkelijk gemaakte afspraken onder meer zijn overeengekomen dat met ingang van 1 oktober 2007 een 40-urige werkweek en een nettosalaris van € 4.000 per maand gelden en dat de overeengekomen provisiebedragen een nettokarakter in plaats van een brutokarakter hebben.

Het hof oordeelt thans als volgt. Het hof stelt bij het antwoord op de vraag of werknemer erin is geslaagd het hem opgedragen bewijs te leveren voorop dat de verklaring van werknemer als partijgetuige omtrent door hem te bewijzen feiten geen bewijs in zijn voordeel kan opleveren, tenzij de verklaring strekt ter aanvulling van onvolledig bewijs. De beperking van de bewijskracht van de verklaring van de partijgetuige geldt niet als er aanvullende bewijzen voorhanden zijn die zodanig sterk zijn en zodanig essentiële punten betreffen dat zij de verklaring van de partijgetuige voldoende geloofwaardig maken. Dat laatste is naar het oordeel van het hof niet het geval. De verklaring van werknemer wordt allereerst weersproken door de verklaring van bestuurder. Waar werknemer verklaart dat hij en bestuurder hebben afgesproken dat zijn salaris zou worden verhoogd tot € 4.000 per maand, heeft bestuurder dat uitdrukkelijk ontkend. Bestuurder heeft ook ontkend dat zij en werknemer hebben afgesproken dat de overeengekomen brutoprovisie een nettoprovisie zou worden.