Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 23 november 2015
ECLI:NL:RBOBR:2015:6787
A c.s./EFR Services Netherlands B.V. c.s.
Werkneemsters A en B zijn in dienst van EFR en werkzaam bij een tankstation. EFR huurt het tankstation van Moko. Het tankstation omvatte tot 1 oktober 2015 zes brandstofafleverpunten, een tankshop annex conveniencestore, een PostNL-Businesspoint en een carwash/wasstraat (welke zich in het bedrijfsgebouw bevond). EFR had voor deze vestiging vijf parttime medewerkers in dienst. Nadat EFR de huurovereenkomst heeft opgezegd, heeft Moko een huurovereenkomst gesloten met Argos. Argos huurt (alleen) het tankstationgedeelte, exclusief de verkoopshop. Argos heeft het tankstation omgebouwd tot een onbemand verkooppunt voor motorbrandstoffen. De tankshop is per 1 oktober 2015 gesloten. EFR heeft de activiteit van het PostNL-Businesspoint beëindigd. Ook de carwash is per 1 oktober 2015 gesloten. EFR heeft zich op het standpunt gesteld dat zij bij het opleveren van het gehuurde een bemand tankstation, inclusief het personeelsbestand, teruglevert, gelijk zij bij aanvang van de huurovereenkomst van Moko heeft ontvangen. Moko is niet akkoord gegaan met het overdragen aan haar van de vijf personeelsleden. A en B stellen zich op het standpunt dat zij per 1 oktober 2015 in dienst zijn van EFR of, als er sprake is van een overgang van onderneming, van Argos of van Moko. Zij hebben recht op loondoorbetaling door een van gedaagden.
Met Argos is de kantonrechter vooralsnog van oordeel dat er geen sprake is van behoud van identiteit van de onderneming waar het de door haar thans op het gehuurde verrichte activiteiten betreft. De tankshop annex conveniencestore is gesloten, het PostNL-Businesspoint is weg, de wasstraat is gesloten en het systeem van afrekenen van de brandstof is gewijzigd. Niet weersproken is dat Argos geen goodwill, kassa’s of betaalfaciliteiten en inkoopcontracten heeft overgenomen. Argos heeft zelf nieuwe afleverzuilen, afrekenapparatuur, een nieuw elektronisch prijzenbord en bijbehorende Argos-identificatiemiddelen geplaatst. Juist is dat het nog steeds een tankstation is, maar vastgesteld moet worden dat de formule en de activiteiten ingrijpend zijn gewijzigd. Het is thans een onbemand tankstation en alle nevenactiviteiten zijn gestaakt. Ook ten aanzien van Moko is de kantonrechter voorshands van oordeel dat er geen sprake is van een overgang van onderneming. Weliswaar is juist dat met het eindigen van een huurovereenkomst en het opleveren van het gehuurde aan de verhuurder sprake kan zijn van een overgang van onderneming, in het geval er ondernemingsactiviteiten overgaan, doch dat is in het onderhavige geval niet aan de orde. Het gehuurde is aan Moko opgeleverd en Moko heeft een nieuwe huurovereenkomst gesloten met Argos voor een deel van de eerder aan EFR verhuurde zaken. Met de zaken die niet opnieuw zijn verhuurd ontplooit Moko thans geen ondernemingsactiviteiten, behalve waar het de LPG-installatie betreft, die thans onbemand, maar onder toezicht van het garagepersoneel (op hetzelfde bedrijventerrein als het tankstation gevestigd) wordt geëxploiteerd. De tankshop/conveniencestore en de wasstraat zijn gesloten. De ruimte waarin de tankshop was gevestigd zal niet meer als zodanig worden gebruikt. De wasstraat wordt wellicht op een andere plaats op het terrein nieuw gebouwd als daarvoor de benodigde vergunningen kunnen worden verkregen. Dat is voorlopig niet aan de orde. Het enkele overgaan van de exploitatie van de LPG-installatie is onvoldoende om van behoud van de identiteit van de onderneming te spreken. Voldoende aannemelijk is dat de primaire vorderingen jegens EFR in een bodemprocedure zullen worden toegewezen en dat de vorderingen jegens Argos en Moko in een bodemprocedure zullen worden afgewezen. EFR wordt veroordeeld tot loondoorbetaling.