Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 17 november 2015
ECLI:NL:GHSHE:2015:4587
werknemer/Tibbaa BV
Werknemer is op 1 februari 2015 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in dienst getreden van Tibbaa. Het dienstverband loopt tot en met 31 januari 2016. Op de arbeidsovereenkomst is een geheimhoudingsbeding van toepassing. Werknemer heeft op 17 juni 2015 een functioneringsgesprek met werkgever. Op 22 juni wordt hij opstaande voet ontslagen, omdat de werknemer dit gesprek heeft opgenomen en aan derden - in strijd met het geheimhoudingsbeding - heeft laten luisteren. Werknemer stelt zich op het standpunt dat de opzegging onregelmatig en kennelijk onredelijk is.
Het hof oordeelt als volgt. Anders dan Tibbaa betoogt, is naar het voorlopig oordeel van het hof in de tekst van de e-mail d.d. 22 juni 2015 niet (voldoende duidelijk) opgenomen dat als reden voor ontslag op staande voet ook geldt het delen van de inhoud van een werkoverleg anderszins dan via een opname daarvan. Naar het voorlopig oordeel van het hof is in de e-mail d.d. 22 juni 2015 als reden voor ontslag medegedeeld dat werknemer zonder toestemming van directeur Tibbaa een werkoverleg heeft opgenomen en dit, kort gezegd, heeft laten beluisteren aan derden. Voor zover Tibbaa heeft beoogd te betogen dat werknemer in de gegeven omstandigheden heeft moet begrijpen dat ook het anderszins met derden delen van de inhoud van een werkoverleg aan het oordeel van de werkgever dat ontslag op staande voet op zijn plaats was heeft bijgedragen, heeft zij dit niet voldoende onderbouwd. Nu het hof tot het voorlopig oordeel komt dat geen sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet en werknemer (kennelijk alsnog, red.) de vernietiging van de opzegging van zijn arbeidsovereenkomst heeft ingeroepen, geldt dat met de opzegging van de arbeidsovereenkomst op 22 juni 2015 geen einde is gekomen aan het dienstverband van werknemer met Tibbaa.