Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 21 juli 2015
ECLI:NL:GHAMS:2015:3027
werknemer/X Aalsmeer BV
Werknemer is krachtens een uitzendovereenkomst bij Z tewerkgesteld bij X Aalsmeer BV (hierna: X). Per 18 april 2014 is het contract tussen Z en X beƫindigd, omdat Z niet langer voldeed aan de NEN-certificering. Ook na 18 april 2014, en wel tot en met 15 mei 2014, heeft werknemer bij X werkzaamheden verricht. Volgens werknemer heeft X hem gevraagd te blijven werken. Pas nadat hij reeds twee weken werkzaam was, bleek dat X een payrollconstructie wenste. Daar is werknemer niet op ingegaan. Volgens werknemer is er tussen partijen een arbeidsovereenkomst.
Het hof oordeelt als volgt. Op werknemer berust de bewijslast ten aanzien van de vraag of X hem een arbeidsovereenkomst heeft aangeboden. Nu X uitdrukkelijk verweer heeft gevoerd en duidelijk heeft gemaakt dat zij enkel op basis van een payrollconstructie werknemer een baan wenste aan te bieden, dient werknemer zijn standpunt te bewijzen. Daarin is werknemer niet geslaagd.