Naar boven ↑

Rechtspraak

Bios Personenvervoer B.V. /werkneemster
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 20 januari 2016
ECLI:NL:RBNHO:2016:368

Bios Personenvervoer B.V. /werkneemster

Diverse incidenten (waaronder veelvuldig te laat komen) zijn onvoldoende zwaarwegend voor ontbinding wegens verwijtbaar handelen. Wel is arbeidsrelatie verstoord geraakt door het verschil van inzicht over het (dis)functioneren van werkneemster, zodat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden.

Werkneemster is per 1 januari 1996 in dienst getreden bij (een rechtsvoorganger van) Bios. Laatstelijk is zij werkzaam als chauffeur. Sinds 2011 tot november 2015 heeft werkneemster in totaal zeven officiële waarschuwingen gehad. Bios verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens verwijtbaar handelen (art. 7:669 lid 3 onderdeel e BW), dan wel een verstoorde arbeidsrelatie (art. 7:669 lid 3 onderdeel g BW). De gedragingen die aan werkneemster worden verweten, betreffen voornamelijk haar wijze van functioneren: het te laat op het werk verschijnen, haar manier van communicatie c.q. bejegening, het niet dragen van bedrijfskleding en het rijden van schade aan de bedrijfsauto.

De kantonrechter stelt voorop dat bij bepaalde beroepsgroepen, zoals die van chauffeur, sprake is van een kenbare verantwoordelijkheid.. Naar het oordeel van de kantonrechter is het belang van Bios evident dat haar personeel op tijd aanwezig is op de werkplek. Geoordeeld wordt dat de diverse incidenten (te laat komen, omgevallen rolstoel, klacht van klant over te hard rijden) geen redelijke grond voor ontbinding opleveren, zoals bedoeld in artikel 7:669 lid 3 onderdeel e BW. De feiten en omstandigheden zijn daarvoor niet zwaarwegend genoeg.

Werkneemster heeft betwist dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding zodanig dat van Bios in redelijkheid niet gevergd kan worden de arbeidsverhouding voort te laten duren, maar naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende gebleken dat de arbeidsverhouding verstoord is geraakt door het verschil van inzicht over het (dis)functioneren van werkneemster, meer in het bijzonder de wijze waarop partijen hun tegengestelde standpunten jegens elkaar hebben geformuleerd. Daarbij is gebleken dat Bios (herhaaldelijk) over is gegaan tot het geven van officiële schriftelijke waarschuwingen, waartegen werkneemster destijds niet heeft geprotesteerd, maar dat het gedrag van werkneemster niet is verbeterd. Werkneemster blijft dezelfde misstappen maken en toont daarbij onvoldoende oog voor de consequenties van haar gedrag. Het is aan werkneemster te wijten dat zich een reeks incidenten heeft voorgedaan, de één ernstiger dan de ander, welke incidenten tezamen, en in aanmerking genomen de vele gesprekken en waarschuwingen, uiteindelijk hebben geleid tot een verstoorde arbeidsverhouding. Herplaatsing ligt niet in de rede. De arbeidsovereenkomst wordt ex artikel 7:671b lid 8 onderdeel a BW ontbonden met ingang van 1 maart 2016. Bij het bepalen van de opzegtermijn zijn de dienstverbanden bij de rechtsvoorgangers van Bios meegerekend, omdat sprake is van opvolgend werkgeverschap. Bios wordt veroordeeld tot betaling van de transitievergoeding van € 18.889,62 bruto.