Rechtspraak
Rechtbank Gelderland (Locatie Arnhem), 16 maart 2016
ECLI:NL:RBGEL:2016:1808
Federatie Nederlandse Vakbeweging/werkgeefster
In de hoofdzaak heeft FNV, op basis van artikel 3:305a BW, gevorderd te verklaren voor recht dat werkgeefster onrechtmatig heeft gehandeld door haar werknemers bloot te stellen aan arbeidsomstandigheden die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid en aansprakelijk is voor de daarmee (juridisch) samenhangende schade. In het incident heeft FNV voor de duur van het geding bij wijze van voorlopige voorziening dezelfde vorderingen ingesteld als in de hoofdzaak.
Naar het voorlopig oordeel van de rechtbank betreffen de (incidentele) vorderingen van FNV een onderwerp dat op grond van artikel 93 aanhef en onderdeel c Rv door de kantonrechter wordt behandeld, ongeacht het beloop of de waarde van de vordering. Daarom zal de zaak worden verwezen naar de kamer voor kantonzaken van deze rechtbank.