Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 16 mei 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:1157
werkneemster/Adelbert College
Feiten
In de cao VO 2014-2015 is bepaald dat beëindiging van het verlengde contract plaatsvindt door middel van opzegging. Adelbert College stuurt werkneemster een brief waarin zij aankondigt dat haar verlengde tijdelijke arbeidsovereenkomst niet zal worden voortgezet. Werkneemster beroept zich op artikel 7:681 BW (vernietiging van de opzegging). De kantonrechter heeft de vordering afgewezen, stellende dat ‘opzegging’ in de zin van de cao moet worden opgevat als ‘aanzegging’.
Oordeel
Het hof oordeelt als volgt.
Opzegging van het verlengde tijdelijke contract impliceert opzegging in de zin van het BW en niet aanzegging
Op grond van de cao-norm komt het hof tot het oordeel dat opzegging in de zin van de cao ook opzegging in de zin van het BW betekent. Dat sinds 1 juli 2015 onderwijzend personeel niet langer is uitgezonderd van het opzegverbod, doet hieraan niet af.
Herstel niet in de rede vanwege financiële situatie werkgever, billijke vergoeding € 10.000
Hoewel werkneemster terecht een beroep doet op artikel 7:683 lid 3 BW, zal herstel achterwege blijven. Het Adelbert College heeft het financieel zwaar met teruglopende studentaantallen. In plaats van herstel zal het hof derhalve overgaan op het toekennen van een billijke vergoeding van € 10.000.