Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 17 november 2017
ECLI:NL:RBMNE:2017:5846
Buig Centrale Steenbergen B.V./FNV
Feiten
FNV heeft stakingen georganiseerd bij BCS. Er is gestaakt op 9, 10 en 14 november (drie volle dagen) en vandaag (17 november 2017) wordt er voor de vierde dag gestaakt. BCS stelt zich op het standpunt dat dit niet mag, onder andere, omdat in de cao in de Metalektro 2015/2018 een stakingsverbod is opgenomen (art. 10.3 lid 1 van de cao), welk verbod nog van kracht is. BCS vordert daarom dat FNV wordt veroordeeld zich te onthouden van alle collectieve acties, stakingen inbegrepen, gedurende het stakingsverbod, dit op straffe van verbeurte van een dwangsom. FNV voert als verweer dat zij wel mag staken en dat het stakingsverbod op grond van artikel 10.3 lid 3 van de cao is vervallen.
Oordeel
In artikel 10.3 lid 1 van de cao is een stakingsverbod opgenomen dat erop neerkomt dat tot 1 juni 2018, om welke reden dan ook, niet mag worden gestaakt. In het derde lid van dit artikel is echter bepaald dat dit stakingsverbod onder meer vervalt indien het onderwerp van de voorgenomen werkstaking of andere acties een onderwerp betreft dat in of krachtens de cao is geregeld: vier weken na de datum waarop aan de Bemiddelingsinstantie een verzoek om bemiddeling en/of beoordeling is gedaan. Ter discussie staat of het stakingsverbod op grond van dit derde lid is vervallen. FNV heeft op 31 oktober 2017 een ultimatum aan BCS gesteld en is na het verstrijken van dit ultimatum tot vierentwintiguursstakingen overgegaan. Partijen zijn het erover eens dat het onderwerp waarvoor dit ultimatum is gesteld en waarvoor de stakingen zijn uitgeroepen betrekking heeft op de invoering en inrichting van een nieuw salarissysteem bij BCS. Tussen partijen staat ter discussie of dit onderwerp (de invoering en inrichting van een nieuw salarissysteem) wel of niet een onderwerp is dat in of krachtens de cao is geregeld. BCS vindt dat dit zo is, en FNV meent van niet. De voorzieningenrechter is van oordeel dat dit onderwerp zijn grondslag vindt in de artikelen 4.1 en 4.6 van de cao. Dat artikel 4.6 ruimte laat voor overleg en onderhandeling over de inhoud van het salarissysteem (de bedrijfsloontabel) betekent niet dat het geen onderwerp is dat in of krachtens de cao is geregeld. De conclusie is dat het onderwerp van de stakingen een onderwerp is dat in of krachtens de cao is geregeld. Dit betekent dat het stakingsverbod gelet op het bepaalde in artikel 10.3 lid 3 eerste liggende streepje van de cao vervalt vier weken na de datum waarop aan de Bemiddelingsinstantie een verzoek om bemiddeling en/of beoordeling is gedaan. BCS heeft bij brief van 3 november 2017 een verzoek aan de Bemiddelingsinstantie gedaan. De voorzieningenrechter is van oordeel dat in de gegeven omstandigheden de vierwekentermijn als bedoeld in artikel 10.3 lid 3 van de cao is aangevangen met het door BCS gedane verzoek aan de Bemiddelingsinstantie van 3 november 2017. Het komt voor rekening en risico van BCS dat er mogelijk niet binnen de vierwekentermijn een succesvolle bemiddeling door de Bemiddelingsinstantie kan worden bewerkstelligd. Dit betekent dat FNV tot en met 1 december 2017 zich van collectieve acties, stakingen inbegrepen, dient te onthouden. Het voorgaande leidt al tot de conclusie dat de vordering van BCS toewijsbaar is. FNV zal worden veroordeeld om zich tot en met 1 december 2017 te onthouden van het voeren van collectieve acties, waaronder stakingen, bij BCS. De gevorderde dwangsom zal worden afgewezen, omdat FNV uitdrukkelijk heeft toegezegd om dit vonnis na te komen. FNV vordert in reconventie dat BCS wordt verboden om gedurende een door FNV te houden werkonderbreking of werkstaking de werkzaamheden die normaal door stakers worden uitgevoerd te laten uitvoeren door uitzendkrachten of andere niet bij BCS in dienst zijnde werknemers, dit op straffe van verbeurte van een dwangsom. De vordering van FNV moet al worden afgewezen omdat, zoals hiervoor in conventie is overwogen en beslist, FNV tot en met 1 december 2017 zich dient te onthouden van collectieve acties, stakingen inbegrepen. Er geldt op grond van de cao nog een stakingsverbod. Het onderkruipersverbod is dus nog niet van toepassing.