Naar boven ↑

Rechtspraak

Erbi B.V./werknemer
Rechtbank Den Haag (Locatie Gouda), 16 januari 2019
ECLI:NL:RBDHA:2019:909

Erbi B.V./werknemer

Werknemer verschijnt diverse keren te laat op het werk en verschijnt vervolgens niet meer op het werk. Geen ontbinding op de e-grond, wel ontbinding op de g-grond.

Feiten

Werknemer is sinds 12 februari 2017 voor onbepaalde tijd in dienst bij Erbi. Tweemaal is tijdens een jaargesprek door Erbi met werknemer gesproken over het op tijd op het werk verschijnen en de correcte wijze van afmelding. Vervolgens heeft Erbi werknemer een officiële waarschuwing gegeven met betrekking tot het niet naleven van deze huisregels. Een aantal dagen later heeft Erbi werknemer een tweede officiële waarschuwing gegeven eveneens met betrekking tot het niet naleven van de huisregels. Op 9 juli 2018 heeft werknemer zich ziek gemeld. In dit verband is werknemer een brief overhandigd waarin wordt gewezen op de rechten en plichten met betrekking tot de arbeidsongeschiktheid. Nadat werknemer wederom een keer niet op tijd op het werk is verschenen en zich later die ochtend ziek heeft gemeld, heeft Erbi werknemer op non-actief gesteld. In afwachting van de ontbindingsprocedure heeft Erbi werknemer opgeroepen werkzaamheden te verrichten op een andere werkplek: Dekker Zevenhuizen. Hierna is werknemer op 6 december 2018 niet op tijd op het werk verschenen en bovendien is werknemer per 10 december 2018 überhaupt niet meer op het werk verschenen. Erbi verzoekt dan ook ontbinding van de arbeidsovereenkomst op primair de e-grond en subsidiair de g-grond. Verder verzoekt Erbi een verklaring voor recht dat de gedragingen van werknemer die tot ontbinding leiden een dringende redenen opleveren als bedoeld in de artikelen 7:677 BW en 7:678 BW.

Oordeel

Het verzoek van Erbi om de arbeidsovereenkomst met werknemer primair te ontbinden op de e-grond lijkt enerzijds te zijn ingegeven door het herhaaldelijk te laat verschijnen op het werk en anderzijds door het zonder deugdelijke grond niet in acht nemen van de controlevoorschriften. Voor zover dit laatste het geval is, heeft Erbi de kantonrechter er onvoldoende van kunnen overtuigen dat zij aan de in artikel 7:671b lid 5 BW vermelde vereisten voldoet. Zo is niet gebleken dat Erbi wegens het niet nakomen van de controlevoorschriften de betaling van het loon heeft gestaakt. Sterker nog, Erbi heeft werknemer op non-actief gesteld met behoud van loon. Daarnaast is niet gebleken dat Erbi beschikt over een verklaring van een deskundige als bedoeld in artikel 7:629a BW of dat het overleggen van deze verklaring in redelijkheid niet van Erbi kan worden gevergd. Gelet op wat hiervoor is overwogen, ziet de kantonrechter geen reden de arbeidsovereenkomst tussen partijen op de e-grond te ontbinden. Erbi heeft de kantonrechter er evenmin voldoende van kunnen overtuigen dat zo het verzoek tot ontbinding op de e-grond is ingegeven door het herhaaldelijk te laat verschijnen op het werk, dit zodanig is dat van Erbi in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De kantonrechter heeft daarbij in aanmerking genomen dat nadat werknemer naar zeggen van Erbi op 29 oktober 2018 opnieuw te laat op het werk verscheen, Erbi hierin geen aanleiding heeft gezien om direct om ontbinding van de arbeidsovereenkomst te verzoeken. Kennelijk kon er op dat moment nog altijd niet worden gesproken van een dringende reden als bedoeld in de artikelen 7:677 en 7:678 BW. Naar het oordeel van de kantonrechter bestaat er echter wel voldoende grond om de arbeidsovereenkomst op de g-grond te ontbinden. Gelet op de stukken en op wat ter zitting naar voren is gebracht, is de kantonrechter ervan overtuigd dat de arbeidsverhouding tussen partijen inmiddels zodanig verstoord is dat van Erbi in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Ook nadat Erbi werknemer in december 2018 heeft opgeroepen om bij Dekker Zevenhuizen arbeid te verrichten, is werknemer op 6 december 2018 te laat en vanaf 10 december 2018 niet meer op het werk verschenen. De kantonrechter ontbindt derhalve de arbeidsovereenkomst tussen partijen op grond van artikel 7:669 lid 3 sub g BW.