Naar boven ↑

Rechtspraak

Slim Energiebeheer B.V./werkneemster
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Assen), 10 juli 2018
ECLI:NL:RBNNE:2018:5646

Slim Energiebeheer B.V./werkneemster

Bij de berekening van de billijke vergoeding wordt de inkomensschade en de immateriële schade meegewogen. Een deel van de transitievergoeding, dat betrekking heeft op de inkomensschade, wordt in mindering gebracht op de billijke vergoeding.

Feiten

De kantonrechter heeft in het tussenvonnis werkneemster in de gelegenheid gesteld de facturen c.q. declaraties van de advocaatkosten over te leggen en toe te lichten. Tevens is werkneemster in de gelegenheid gesteld toe te lichten of zij inmiddels ander werk heeft gevonden, dan wel hoe zij haar kansen op de arbeidsmarkt ziet alsmede uiteen te zetten of zij recht heeft op een WW-uitkering en hoe hoog deze is. Werkneemster heeft naar voren gebracht dat de advocaatkosten € 43.838,88 inclusief btw bedragen. Zij heeft momenteel geen ander werk en ook geen vooruitzicht daarop. Haar kansen op de arbeidsmarkt zijn lastig in te schatten. De geschatte inkomensschade op grond van hoelangwerkloos.nl betreft € 421.756,04. Slim Energiebeheer betwist de hoogte van de billijke vergoeding.

Oordeel

Bij de begroting van de billijke vergoeding worden alle omstandigheden van het geval betrokken. De kantonrechter heeft bij de vaststelling van de hoogte van de billijke vergoeding de volgende zaken mee laten wegen. Met name door de verwijtbare houding van Slim Energiebeheer wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden met verlies van inkomsten als gevolg. De kantonrechter wil aannemen dat een opleiding op een ander vakgebied maakt dat het minder makkelijk is om een baan in een vergelijkbare werkkring als de huidige te vinden. Gelet op de werkervaring en leeftijd gaat de kantonrechter er echter van uit dat het voor werkneemster mogelijk is op redelijke termijn een vergelijkbare functie te verwerven. Voor de inkomensschade zal worden aangesloten bij de door werkneemster gestelde periode van 10,5 maand dat zij een WW-uitkering zal ontvangen. De schade bedraagt dan € 11.070,50. De stelling dat werkneemster door het ernstig verwijtbaar handelen extra advocaatkosten heeft moeten maken wordt afgewezen. De declaraties staan niet op naam van werkneemster. Werkneemster kan alleen aanspraak maken op schade die zij zelf heeft moeten dragen. Van belang acht de kantonrechter verder dat werkneemster aanspraak heeft op een transitievergoeding. Het is daarom redelijk dat een deel van de transitievergoeding dat betrekking heeft op de inkomensschade, in mindering wordt gebracht op de gevolgschade. Uitgaande van een transitievergoeding van € 6.852,00 zal de kantonrechter een redelijk deel hiervan – € 4.568 – op de billijke vergoeding in mindering brengen. Aan werkneemster wordt daarnaast immateriële schadevergoeding van € 5.000 toegekend als genoegdoening voor de gebeurtenissen.