Rechtspraak
Feiten
Bij tussenvonnis van 28 augustus 2020 is werkgever toegelaten tot het leveren van bewijs dat werknemer de arbeidsovereenkomst van 1 december 2018 heeft ondertekend. Ter voldoening van de bewijsopdracht heeft werkgever in enquête als getuigen doen horen twee managers, de boekhouder en werknemer. Werkgever vordert een verklaring voor recht dat werknemer het concurrentie-, nevenwerkzaamheden- en geheimhoudingsbeding heeft geschonden.
Oordeel
Arbeidsovereenkomst ondertekend
De kantonrechter constateert dat de verklaringen van de managers en de boekhouder naadloos op elkaar aansluiten. Uit de verklaringen volgt immers dat de boekhouder op verzoek van werkgever een arbeidsovereenkomst voor het filiaal Alexandrium heeft opgesteld, ten aanzien waarvan de manager heeft verklaard deze opdracht met werknemer te hebben besproken. De tegenstrijdigheden en inconsistenties in de verklaring van werknemer dat hij wel een werkgeversverklaring heeft ontvangen maar geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft getekend leiden ertoe dat aan zijn verklaring minder gewicht wordt toegekend en maken bovendien de stellige betwisting van de ondertekening van de arbeidsovereenkomst bepaald niet geloofwaardiger, temeer daar in de tussen partijen gevoerde gesprekken en correspondentie nimmer eerder door werknemer is gesteld dat hij de arbeidsovereenkomst niet zou hebben ondertekend. Naar aanleiding van de elkaar ondersteunende verklaringen van de twee managers en de boekhouder in combinatie met de genoemde WhatsApp-gesprekken – waarin werknemer op 10 januari 2019 aan zijn collega heeft verzocht om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en vervolgens op 30 september 2019 verzoekt de door werknemer ondertekende arbeidsovereenkomst toe te sturen – en de in dit verband door werknemer afgelegde tegenstrijdige verklaringen, is naar het oordeel van de kantonrechter in voldoende mate komen vast te staan dat partijen een arbeidsovereenkomst (voor onbepaalde tijd) hebben gesloten en dat deze door werknemer is ondertekend. Dat betekent dat werkgever in de bewijsopdracht is geslaagd.
Schending concurrentie-, nevenwerkzaamheden- en geheimhoudingsbeding
De kantonrechter overweegt dat, gelet op het feit dat kort na de ontslagname door werknemer bij werkgever het restaurant is geopend, naar zijn oordeel in voldoende mate komen vast is komen te staan dat het door werknemer met de bestuurder van het concurrerende restaurant gevoerde gesprek op 7 augustus 2019, het bestuderen van machines en apparatuur van werkgever en het daarbij verrichten van metingen, als voorbereidende handelingen zijn te beschouwen voor het opstarten van een sterk met werkgever overeenkomend restaurant in de nabijheid van filiaal Zuidplein, hetgeen een schending van het nevenwerkzaamhedenbeding door werknemer oplevert. Ook is volgens de kantonrechter voldoende vast komen te staan dat werknemer vertrouwelijke informatie met de bestuurder van het concurrerende bedrijf heeft gedeeld over de specifieke werkwijze van werkgever. Daarmee is sprake van een schending van het geheimhoudingsbeding. Omdat werknemer binnen enkele weken na het einde van zijn dienstverband is gestart bij een concurrerende restaurant is volgens de kantonrechter ook vast komen staan dat werknemer het concurrentiebeding heeft overtreden. De kantonrechter ziet wel aanleiding om het concurrentiebeding te beperken tot één jaar na het beëindigen van het dienstverband bij werkgever.